Boudewijn Steur: ‘Communicatieprofessionals kunnen het debat verrijken’

Navigeren tussen politiek en media

Wat te doen als de spanning tussen media en politiek torenhoog oploopt? Hoe voorkom je dan dat we in een risico-regel-reflex schieten? Volgens Boudewijn Steur, hoofd Strategie bij het ministerie van BZK, moeten communicatieprofessionals van de overheid op zo’n moment het debat verrijken. Bijvoorbeeld met dilemmalogica.


Een moderne democratie heeft de media hard nodig, stelt Steur. “Allereerst omdat de pers maatschappelijke problemen signaleert. Bovendien fungeren de media als waakhond: ‘Doet de volksvertegenwoordiger wel wat hij beloofd heeft?’ Ook hebben de media een educatieve functie: aan burgers laten zien hoe het politieke bedrijf werkt. Want we kunnen niet met z'n allen op het balkon van de Tweede Kamer de debatten volgen. En ten slotte worden de media geacht het falen van het politieke stelsel bloot te leggen.” 

Medialogica

Tot zover de theorie. Maar in de praktijk werken media en politiek lang niet altijd goed samen. En is er regelmatig sprake van spanning binnen het Haagse huwelijk.
De media voeden die relationele strubbelingen op twee manieren, stelt Steur. De eerste is de ‘medialogica’. Steur: “Mediabedrijven zijn van nature vooral bezig zijn met kijk- en leescijfers. Daardoor focussen zij sterk op sensatie, op wat afwijkt, op emotie. Bovendien apen media elkaar constant na, want ze willen niet voor elkaar onderdoen. Ze berichten vaak over hetzelfde, waarbij de een vervolgens net iets verder gaat dan de ander. Door deze medialogica zweept iedereen iedereen op.” 

Mediatisering

Daarnaast is er, zeker bij oplopende spanningen, regelmatig sprake van ‘mediatisering’, stelt Steur. “Daarmee bedoel ik dat media met hun berichtgeving invloed uitoefenen op instituten, op politieke partijen, op bestuurders, op de democratie. Zo komt het maar al te vaak voor dat berichtgeving vanuit de media wordt overgenomen door lokale en landelijke politici.”

Risico-regel-reflex

Andersom zet ook de politiek het huwelijk op een aantal manieren op scherp. Steur: “Zo kennen we allemaal de risico-regel-reflex die optreedt vanuit de politiek na ophef in de media. Op basis van een incident wordt dan onevenredig veel regelgeving bedacht om nieuwe incidenten te voorkomen.”
Daarnaast hebben politici de neiging om de media te gebruiken voor hun eigen gewin. Steur: “Zo kan een incident, opgeklopt door de media, een route zijn om weer eens vol in de spotlights te komen. Wil je als volksvertegenwoordiger opnieuw gekozen worden, dan moet je immers zichtbaar zijn.”

Veel begrip

Ten slotte hebben politici steeds vaker de neiging om te benadrukken ‘hoe normaal’ ze eigenlijk zijn. Steur: “Daarmee laten ze zien dat ze niet alleen een representatiefunctie hebben, maar ook een afspiegeling zijn van het electoraat. Dat uit zich dan bijvoorbeeld in buitengewoon veel begrip tonen voor de emoties uit de samenleving bij een geruchtmakend incident.” 

Sociale media

Extra complicerende factor in het Haagse huwelijk is de rol van sociale media. Steur: “Berichten via sociale media zijn korter, krachtiger, vrijwel altijd ongenuanceerd en heel erg actiegericht: hier moet iets aan gedaan worden, en wel meteen. Dat zorgt ervoor dat de spanningen binnen het Haagse huwelijk steeds sneller oplopen en dat de houdgreep waarin media en politiek elkaar houden steeds steviger wordt.” 

‘De spanningen tussen media en politiek zullen eerder nog verder gaan toenemen’

Accepteren

Hoe daaraan te ontsnappen? Dat is onmogelijk, denkt Steur. “Ik zou zeggen: accepteer dat dit niet gaat veranderen. De spanningen tussen media en politiek zullen eerder nog verder gaan toenemen. Dus is het beter om te accepteren dat ze er zijn. Concludeer: ‘Ok, dit is een feit, het werkt nu eenmaal zo’. En bedenk vervolgens: ‘Hoe ga ik hier dan zo goed mogelijk mee om?’” 

Debat verrijken

Het antwoord op die vraag is echter niet eenvoudig te geven. Maar voor de communicatieprofessional bij de overheid heeft Steur wel twee adviezen. “Zorg er allereerst voor dat je de minister uit de wind kunt houden, dat hij onbeschadigd de debatten doorkomt en geen zaken toezegt die hij niet kan waarmaken. Dan doe je het namelijk goed, zou Max Weber zeggen.” 

‘Laat maar zien dat een incident altijd meerdere kanten in zich heeft’  

Maar bovenal kunnen professionals de spanning heel goed aangrijpen om het debat te verrijken. Steur: “Hoe complex is de materie? Welke perspectieven zijn er op een probleem mogelijk? De communicatieprofessional kan de bestuurder in zo’n geval in zijn publieke uitingen ondersteunen met dilemmalogica, door te laten zien dat een incident altijd meerdere kanten in zich heeft. ‘Gaan we voor veiligheid, dan heeft dat consequenties voor onze privacy’. Juist bij incidenten kan dat helpen.”

Na deliberatie

Stel bijvoorbeeld dat er lokaal iets gebeurt, en dat van de minister actie wordt verwacht. Steur: “De minister kan dan zeggen: ‘Nee, dit is iets van de gemeente zelf’ of ‘Ja, ik zal daar additionele regelgeving voor opstellen’. Maar hij kan ook zeggen: ‘Beste Kamer, ik wil best ingrijpen, maar dan treed ik in de autonomie van gemeenten’. Vervolgens kan de uitkomst dan nog steeds zijn dat de minister uiteindelijk besluit om in te grijpen. Maar dan is dat wel na zorgvuldige deliberatie.”  

Ga oefenen

Ten slotte kan het geen kwaad om tussendoor stevig te oefenen, juist in tijden dat er (nog) geen spanning is binnen het Haagse huwelijk. Steur: “Communicatieprofessionals kunnen bijvoorbeeld met bestuurders regelmatig scenario’s en redeneerlijnen doornemen. Dat helpt als de nood echt aan de man is.”