head8.jpg

Ervarings­gesprekken

De ene ondernemer denkt erover na om te gaan onder­nemen in een ontwikke­lings­land. De ander doet het al jaren. De een heeft wat met Uganda, de ander ziet juist mogelijk­heden in Tunesië. Twee ervarings­gesprek­ken. Doel: iets van elkaar leren.

button-6-1.jpg

‘Een project van lange adem’


Arjan Plomp van HZPC Holland B.V. en Hans van Eijzeren van Xclusive Uganda kennen elkaar uit Uganda. Wat zijn hun ervarin­gen met onder­nemen in dat land? En hebben zij nog adviezen voor elkaar?

Hans van Eijzeren: “Wij geloven allebei in de potentie van Uganda. We proberen daar de aardappelteelt van de grond te krijgen, maar het is echt een project van de lange adem.”

Arjan Plomp: “Dat zagen we natuurlijk al van verre aankomen, maar toch hoop je dat het sneller gaat.”

Hans: “De aardappelrassen moeten allemaal getoetst en toegelaten worden.”

Arjan: “En de lokale overheid heeft nog steeds het beeld dat we hun boeren de nek om willen draaien.”

Hans: “Maar die willen we er juist bij betrekken. Uiteraard. Maar krijg dat maar eens goed uitgelegd.”

Arjan: “Eerst maar eens toegang tot het land.”

Hans: “Ja, stug doorgaan. We hopen daar over een jaar of twee, drie te kunnen draaien. Misschien sneller.”

Arjan: “Weet je wat het is: Europeans have the clock, Africans have the time.”

Hans: (lacht) “Ja, zo is het. Ik ben ook helemaal niet negatief over Uganda. Onze ondernemingen op het gebied van stekken en snijbloemen loopt bijvoorbeeld uitstekend.”

Arjan: “En misschien willen we zelf ook wel te hard. Maar dat komt voort uit onze motivatie om het land verder te helpen. Een geweldig land, met sterke mensen. Daar krijg ik zelf elke keer weer energie van. We gaan dus gewoon door. Toch Hans?”

button-6-3.jpg

Honingraat voor Tunesië?

Henk Krabbedam, directeur Honicel, en Christiaan Duinmaijer, directeur Assarwa, maken kennis met elkaar. Christiaan adviseert onder­nemers in het Midden-Oosten en Noord-Afrika, Henks bedrijf produceert honingraat­papier voor een wereld­wijde markt. Waarover praten zij?

Henk Krabbedam: “Ik ben een groene jongen. Honicel recyclet papier tot honingraat­papier. Dit materiaal in de vorm van een honingraat is sterk, licht en milieu­vriendelijk. Dankzij ons materiaal is minder houtkap nodig. Het honingraat­materiaal wordt gebruikt voor de constructie- en verpakkings­industrie. Ik doe zaken in China, India, Rusland en – met PSI – in Indonesië. Ik ben constant op zoek naar nieuwe markten. Waar is schaarste op hout­gebied? Dáár ligt mijn markt.”

Christiaan Duinmaijer: “Ik adviseer Nederlandse bedrijven in Tunesië, Libanon en Egypte. Tunesië zou een markt kunnen zijn. Tunesië is in de regio een goed land om zaken mee te doen en het land heeft sterke handels­betrek­kingen met Europese buurlanden. Egypte is ook interessant. Het is een van de grootste markten in het Midden-Oosten.”

Henk: “China is nu helemaal booming. Een Chinees bedrijf is helemaal enthousiast over ons materiaal voor het verpakken van hun was­machines tijdens vervoer. In plaats van piepschuim. Maar ze willen wel heel veel in één keer, ik doe het stap voor stap.”

Christiaan: “Tunesië expor­teert veel naar Europa. Er is maar een heel klein beetje bosbouw. Landbouw­bedrijven hebben zeker behoefte aan goedkopere, milieu­vriendelijke verpakking. Ik zal eens in mijn netwerk vragen welke bedrijven geïnteresseerd zijn. Geef even je kaartje.”

Henk: “Heb je ook connecties in het Midden-Oosten? Ik kom net uit Dubai gevlogen. Een ingewikkeld land om handel te drijven. Het aller­belangrijkste? Een goede lokale handels­partner.”

Ondernemen in ontwikkelingslanden; Toen & Nu