Samen Durven Delen Doen

Stappen vooruit

Onderwijs beweegt mee met veranderingen in de samenleving. Vier sprekers houden ons ontwikkelingen voor uit ons dagelijks werk waarvan we ons niet altijd bewust zijn en waarvoor we niet altijd tijd hebben. Mathieu Weggeman en Erik Meester spreken over professionalisering. Anja Beerepoot en lliass El Hadioui over cultuur in de klas.

Professio­nalisering

Mathieu-Weggeman3

Mathieu Weggeman, hoogleraar Organisatiekunde TU Eindhoven

‘Niet vinken, maar vonken’

Wat mogen onderwijsprofessionals van hun leidinggevende verwachten? Bottom line volgens hoogleraar Mathieu Weggeman: je moet als leidinggevende bewust afzien van handelen. Faciliteer de leerkracht, in plaats van hun werkprocessen te controleren en te plannen. “Dat is iets voor een koekjesfabriek, niet voor het onderwijs.”

Uit onderzoek blijkt dat mensen die iets goed kunnen, dat ook graag doen. Ruim 80% van de mensen wordt intercollegiaal beoordeeld als goed in hun vak. Slechts 15% kan het niet (meer) en slechts een kleine 5% wil echt niet. Als leidinggevende moet je elke groep gedifferentieerd benaderen. Nederland is kampioen in ‘gelijke monniken, gelijke kappen’, maar niets is zo ongelijk als de gelijke behandeling van ongelijken. Het vraagt dus om passend leiderschap. Wil een leerkracht niet? Stuur dan op planning en proces. Kan een leerkracht niet (meer)? Dan kan het helpen om het ‘repertoire’ te verkleinen en een opleiding of coaching aan te bieden. Voor het overgrote deel van de mensen moet je afspraken maken over de ‘output’. Hoe ze dat doen is aan de professionaliteit van de leerkrachten. Geef ze ruimte en laat ze niet oeverloos rapporten schrijven.

‘Geef leerkrachten ruimte
en laat ze niet oeverloos
rapporten schrijven’

Collectieve ambitie

Professionals moeten hun energie behouden: niet vinken, maar vonken. Daarvoor is het belangrijk om samen met hen een collectieve ambitie te ontwikkelen. Mensen hebben persoonlijke kernwaarden en je hebt de kernwaarden van de organisatie. Hoe meer die overeenkomen (shared values), hoe minder regels er in een organisatie nodig zijn. Als die collectieve ambitie er is, hoeven mensen alleen nog in hun kracht gezet te worden. Dan raak je als werknemer in een flow: je vergeet de tijd, je vergeet te eten, je bent één met je werk. Hoe bereik je dat als leidinggevende? Door te sturen op kennisniveau en moeilijkheid van de taken. Mensen moeten zich voldoende uitgedaagd voelen, maar de taken moeten ook niet te moeilijk zijn. De ideale manager zegt: ‘Ik geef je ruimte en vertrouwen, maar ik ben er ook als er iets misgaat.’

Tijdens de presentatie van Mathieu Weggeman maakte tekenaar Peter Pen tekeningen van de inhoud. Hier een selectie:

Erik-Meester2

Erik Meester, Academica Business College

‘Hoe meer je weet, hoe beter je leert’

Moeten we niet meer focussen op 21e-eeuwse vaardigheden? Niet volgens onderwijsadviseur Erik Meester. In zijn visie kun je deze skills niet trainen. Vaardigheden zijn afhankelijk van domeinspecifieke kennis. Waar moet je dan op inzetten? Op kennis!

Het is belangrijk te begrijpen hoe we eigenlijk leren. Zonder naar school te gaan leren we bijvoorbeeld mondeling communiceren en ons sociaal te ontwikkelen. Schrijven en rekenen moeten we kinderen wel aanleren, en dat is best moeilijk. Ze moeten leren door waarneming, met afgeleiden van de wereld.

Meer weten, meer leren

Zelfontdekkend leren vraagt veel tijd en werkgeheugen. Dat werkgeheugen bestaat uit een aantal eenheden waar informatie doorheen moet. Als je te veel in je werkgeheugen moet onthouden, kun je dat ervaren als ‘overload’. Op zo’n moment moet je als leerkracht stoppen om kinderen meer bij te willen brengen. Hoe meer parate kennis in het langetermijngeheugen, hoe beter het werkgeheugen kan worden ondersteund. Hoe meer je weet dus, hoe meer je kunt leren.

‘Een goede leraar
beheerst een uitgebreid
didactisch repertoire’

Ondersteuning

Als een leerling minder snel lijkt te leren, betekent dat dat niet dat het kind dommer is. Het heeft simpelweg minder voorkennis. Docenten moeten meer doen met dit verschil tussen leerlingen. Decennialang is het onderwijs benaderd vanuit leerstijlen en vaardigheden, maar dat werkt niet. De weg ernaartoe is kennis en oefenen binnen dat domein. In het huidige onderwijs differentiëren we te snel op niveau en dat vergroot de kans op ongelijkheid. Mijn advies: differentieer op ondersteuning.

Diepgaande vakkennis

Om zich optimaal te ontwikkelen, hebben kinderen een goede leraar nodig. Een goede leraar zorgt voor een gestructureerde en veilige leeromgeving en beheerst een uitgebreid didactisch repertoire. Bovendien heeft hij of zij stevige en diepgaande vakkennis en kent de specifieke leerdoelen en succescriteria. Herkent u zich?

Tijdens de presentatie van Erik Meester maakte tekenaar Peter Pen tekeningen van de inhoud. Hier een selectie:

Cultuur in de klas

9G8A9855

Anja Beerepoot, organisatiekundige

‘We gaan naar een Nieuwe Tijd’

We gaan naar een Nieuwe Tijd waarin partnerschap centraal staat. Mannen en vrouwen ontdekken elkaar. Ook de rol van de leerkracht verandert daarin, betoogt organisatiekundige Anja Beerepoot.

Bankencrisis, schuldencrisis, energiecrisis, vluchtelingencrisis, milieucrisis en het terrorisme: allemaal symptomen die erop duiden dat we weer meer in balans proberen te komen. Waar er tot zo’n 2500 jaar geleden een moedercultus was, heerst sinds de Indo-Europese invasie van de Oude Wereld het mannelijke Dominator-systeem. Die gaat uit van hiërarchie, competitie, angstdenken. De man boven de vrouw, wit boven zwart, volwassene boven kind. Het vrouwelijke – harmonie, koesteren, ontvangen, verbinden – is lang onderdrukt.

‘Toon leerlingen de
waarden van burgerschap
en democratie’

Ik ben er al

Dat verandert. We gaan naar een Nieuwe Tijd, waarin partnerschap der seksen centraal staat. Mannen en vrouwen ontdekken elkaar. Zie de jonge vader die met de kinderen bezig is. Volgens de wet van eenheid van Tao zijn we met alles en iedereen verbonden. Toeval bestaat niet, alles heeft een reden, een oorzaak en gevolg. Via co-creatie werken we aan het grotere. We zijn verbonden via intuïtie en gedachten. We vertrouwen op antwoorden die uit het universum komen. Woorden die hierbij horen zijn cyclisch, verantwoordelijk, inclusief, systeemgericht, vreedzaam. Een vraag als Wat wil je later worden? beantwoorden met: Ik bén er al.

Herkennen

Wat kun je als leerkracht bijdragen aan die transitie? Onder andere leerlingen de waarden van burgerschap en democratie bijbrengen. En door het kind te zien en te herkennen. Als we de buitenkant afpellen, zien we dat we daaronder veel gemeenschappelijk hebben.

Lliass-el-Hadioui3

Iliass El Hadioui, socioloog Erasmus Universiteit Rotterdam

‘Geloof in de leerling maakt het verschil’

Kinderen met een ‘bi-culturele achtergrond’ gaan vaker naar een lager niveau van voortgezet onderwijs dan autochtone kinderen. Dat komt niet door afkomst maar door sociale klasse. Geloof van de docent in de leerling kan volgens socioloog Iliass El Hadioui het verschil maken.

De mate van zelfovertuiging is cruciaal om op te klimmen op de sociale ladder. Geloof je in jezelf? Gelooft je omgeving in jou? Daarop kun je als leerkracht invloed hebben. Neuropsychologe Naomi Eisenburger liet zien hoe emotionele pijn (uitsluiting) dezelfde schade veroorzaakt als fysieke pijn. Het hersendeel voor conceptueel denken functioneert minder, terwijl het gedeelte dat agressie reguleert sterker wordt.
Daar kun je wat aan doen. Elk mens heeft behoefte aan erkenning en waardering. Als puber kun je daardoor dalen op andere sociale ladders, bijvoorbeeld die van ‘de straat’. Daar spelen respect, eer, waakzaamheid. Dat kan een mismatch met de schoolcodes opleveren, zeker in de brugklassen wanneer de puberteit z’n intrede doet.

‘Belangrijk voor een
kind is een veilige
groepsdynamiek’

Creëer ruimte

Kinderen kunnen makkelijk switchen tussen verschillende werelden, dat is het probleem niet. Belangrijk is dat het kind op school een veilige groepsdynamiek treft. Anders kan een verschil in de klas reden voor onenigheid zijn. Dit vraagt een schoolbrede cultuur, waarover het hele team het eens is. Geloof en interesse van de docent in de leerling kan het verschil maken. Benader je een leerling met een bijbaantje als iemand die geen aandacht heeft voor school, of als iemand die ondernemend is? Heeft een kind dat een docent aanspreekt met ‘je’ geen respect, of voelt die zich veilig bij je? Creëer ruimte waar leerlingen hun kwaliteiten kunnen tonen.