Preventie en vroegsignalering

Natuurlijk kun je in allerlei protocollen afspreken hoe je handelt als iemand verward gedrag vertoont. Maar preventie en vroegtijdig signaleren is slimmer. Ogen en oren in de wijk kunnen vroegsignalering garanderen en escalatie voorkomen. Vijf initiatieven laten zien hoe je dit organiseert.

‘De wijk-GGD’er moet bestuurlijk mandaat hebben’

In opdracht van het ministerie van Veiligheid en Justitie voert het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) de werkwijze van de wijk-GGD’er verder in. In september 2017 hebben dertien gemeenten onder leiding van het CCV daarmee een begin gemaakt.

De wijk-GGD’er werkt als verbindingsofficier in het netwerk van veiligheid en zorg en gaat zo snel mogelijk op personen met verward gedrag af om escalatie te voorkomen. Zo komen ze niet terecht in de strafrechtketen en wordt de politie ontlast.

Zorg nodig

Amsterdam is begonnen met wijk-GGD’ers, vertelt CCV-adviseur Leonie Aarsen. “De hoofdcommissaris van de politie zag veel meldingen waarbij de politie werd ingeschakeld, maar waarbij het eigenlijk ging om mensen die zorg nodig hebben. Daar zetten ze een zorgprofessional op. In Vught is deze werkwijze verder doorontwikkeld.”

Uitgebreid netwerk

De wijk-GGD’er bepaalt in een vroeg stadium samen met (zorg)ketenpartners welke aanpak en zorg een persoon nodig heeft. De wijk-GGD’er heeft dan ook een uitgebreid netwerk. Daarbij zitten vanzelfsprekende ketenpartners, zoals de huisarts, politie, en woningcorporatie. Maar er zitten ook minder vanzelfsprekende partijen in het netwerk, zoals de supermarkteigenaar of de apotheek. Aarsen: “In Vught heeft de wijk-GGD’er bijvoorbeeld afspraken gemaakt met de apotheker. Die neemt contact op als iemand zijn medicijnen niet ophaalt.”

‘Belangen moeten soms opzij voor de beste zorg’

Bestuurlijk mandaat

De dertien gemeenten bepalen zelf hoe ze de wijk-GGD’er positioneren. Aarsen: “In Vught is de wijk-GGD’er aangehaakt bij de GGD. Maar dat kan bijvoorbeeld ook de GGZ zijn. Het is vooral belangrijk dat de persoon bestuurlijk mandaat krijgt om alles te doen wat mogelijk is. Om naar eigen inzicht te handelen. De wijk-GGD’er moet niet gebonden zijn aan caseloads, regels of financiering. En als er een knelpunt is, moet de wijk-GGD’er naar een burgemeester kunnen stappen.”

Belangen opzij

Elke gemeente is nu bezig met de organisatie. Voor het einde van het jaar moeten de wijk-GGD’ers gaan beginnen. Aarsen stelt dat het niet eenvoudig is om de aansluiting met andere professionals te realiseren. “Het is een kwestie van beginnen en al lerend ervaren. Er spelen belangen die soms opzij moeten worden gezet voor de beste zorg. Want uiteindelijk gaat het daarom: het vergroten van slagkracht om personen met verward gedrag sneller betere zorg te bieden.”


Eerste hulp bij psychische problemen

Mental Health First Aid (MHFA) is een nieuwe cursus voor eerste hulp bij psychische problemen. GGZ Eindhoven implementeert het programma in ons land. Cursisten leren onder andere hoe je kunt handelen bij een dreigende crisis. Daarnaast kunnen ze een bijdrage leveren aan het bespreekbaar maken van psychische problemen.

In Nederland is de afgelopen twee jaar in bijna iedere GHOR-regio een samenwerkingspartner voor Mental Health First Aid aangesteld. Daardoor is het nu overal in Nederland mogelijk om een cursus te volgen. Evelien Wagemakers, manager bij MHFA Nederland: “In de cursus leer je hoe je iemand met psychische problemen of bij een dreigende crisis ondersteuning kunt bieden en eventueel kunt begeleiden naar professionele hulp.”

‘In Nederland is het nog niet gewoon om over psychische aandoeningen te praten’

Stigma verminderen

De cursus heeft een drieledig doel: kennis over psychische problemen vergroten, het stigma verminderen en cursisten vaardigheden aanleren om met psychische problemen om te gaan. De afgelopen twee jaar hebben al zo’n vijftienhonderd mensen de cursus gevolgd en zijn er 85 trainers opgeleid. Wagemakers: “Bij de EHBO-cursus gaat het over fysieke ongelukken en bij MHFA over psychische problemen. Het is nog niet gewoon om over psychische aandoeningen te praten. We moeten in Nederland nog een cultuurverandering maken. In de biologieles gaat het veel over het menselijk lichaam, maar psychische klachten blijven vaak onderbelicht. MHFA levert een bijdrage aan het bespreekbaar maken van psychische problemen.”

Niet te veel tegelijk

In de loop van 2018 komt er een jeugdprogramma beschikbaar, specifiek voor mensen die met adolescenten werken of leven. Wagemakers: “We zijn nu krap twee jaar bezig en maken eerst het ene af voordat we aan een nieuwe lijn beginnen. We hebben tijd nodig om het aanbod in cursussen te vertalen en toe te spitsen naar de Nederlandse situatie.” 
Ondertussen ziet ze wel een belangrijke rol weggelegd voor de cursus in de maatschappij. “Je ziet steeds meer media-aandacht voor verwarde personen. Vaak komen deze mensen negatief in het nieuws. Cursisten kunnen een belangrijke rol spelen in het begrip en personen met psychische problemen zo nodig eerder toeleiden naar professionele zorg.”

Meer informatie?

Parel voor signaleren niet ophalen medicatie

Een apotheker die de huisarts belt als medicijnen niet zijn opgehaald. Zo kan verward gedrag worden voorkomen. Voor dat idee reikte Hans-Martin Don een ZonMw Parel uit.

Als mensen met een ernstige psychiatrische aandoening hun medicijnen niet goed gebruiken, kan dat leiden tot een terugval. In het project Signaleren en Melden door Apothekers van Niet-Opgehaalde Medicatie voor mensen met een Ernstige Psychiatrische Aandoening (SMANOM-EPA) wordt een geautomatiseerde signaalfunctie toegevoegd aan het informatiesysteem van de apotheek.

Signaal

Het systeem geeft een signaal zodra een bepaalde ophaaltermijn van medicatie wordt overschreden. De apotheker trekt bij de huisarts aan de bel. Deze kan dan met de cliënt in gesprek om gezamenlijk beslissingen te nemen over het medicatiegebruik. Politie, GGD, GGZ, apothekers én cliënten praten in het project mee over de voorwaarden en de concrete uitwerking van het signaleringssysteem. Begin 2018 start een proefimplementatie bij Amsterdamse apotheken.



Zo werkt het project

De ogen van de technische man aan huis

Een technisch medewerker van een woningcorporatie ziet dat de vrouw des huizes in feestelijke kleding de deur opent. “Ik heb zo een feest”, zegt zij. Als de vakman twee uur later de deur uitgaat, heeft de vrouw zich drie keer verkleed. De laatste keer in pyjama. Ze gaat naar bed en is de deur niet uitgegaan. Wat moet hij daarmee?

Oog voor situatie thuis

“Wij vinden dat een woningcorporatie ook een sociale rol heeft. De vakman komt bij iedereen thuis. Daarom nemen we technici aan met een sociaal profiel; medewerkers die het leuk vinden om met mensen om te gaan”, vertelt Erna Kamphuis, teamleider Wijkbeheer bij Domijn.

Huiselijk geweld

Domijn liet het afgelopen jaar alle wijkmedewerkers een verdiepingscursus volgen om huiselijk geweld te herkennen. Maar de vakmannen hadden al eerder trainingen gevolgd. Je mag niet binnenkomen? Alle gordijnen dicht? Keuken vol afwas en afval? Op welke signalen moet je alert zijn? De vakman treedt niet zelf handelend op. Als hij iets heeft gezien, geeft hij het door aan de wijkcoach.

‘Huurschuld of een zwaar vervuilde woning zijn redenen om in gesprek te gaan’

Sociale rol corporaties

Het welzijn van de huurder is belangrijk voor Domijn. Een deel van de huurders is niet altijd even zelfredzaam. Kamphuis: “We werken samen met maatschappelijke partijen in Enschede, Haaksbergen en Losser: stadsbank, hulpverleners en wijkteam.”
De rol van de woningcorporatie is niet vanzelfsprekend. Als de huur wordt betaald en er is geen overlast, dan zal een persoon met verward gedrag niet op de radar van de woningcorporatie komen. Maar huurschuld, overlast of een zwaar vervuilde woning zijn redenen om met een huurder in gesprek te gaan.

Schulden bevriezen

Bij huurschuld is de woningcorporatie zelf aan zet. Kamphuis: “Bij grote schulden bevriezen we de schuld wel eens. Dan kan een klant eerst orde op zaken stellen en voorkomen we dat hij ook nog eens op straat komt te staan.” Volgens Kamphuis gaat het sociale profiel van Domijn steeds meer in de bloedvaten van de organisatie zitten. “Dat maakt me trots. Daar kan geen protocol tegenop. De mensen waarom het gaat hebben weinig vertrouwen in organisaties. Maar met begrip voor de klant, goed luisteren en oplossingen aanreiken kan je ze wel helpen.”

‘Herstel na een crisis begint met contact maken’

Ervaringsdeskundigen en wijkbewoners spelen een belangrijke rol in twee Amsterdamse projecten rond ‘herstel’. In beide projecten leren mensen na een psychische crisis weer inhoud geven aan hun leven. “Mensen zijn weer zelf aan zet.”

In Amsterdam Nieuw-West worden twee samenhangende projecten opgezet. Het eerste gaat over de-escalerende crisisaanpak die herstel ondersteunt, het tweede richt zich op zelfhulp volgens de Eigen Kracht-methodiek. Ervaringswerkers kunnen eraan bijdragen dat na een crisis stapje voor stapje weer contact ontstaat tussen de ‘patiënt’ en zijn omgeving. Volgens ervaringsdeskundige Hans van Eeken – zelf ook opgeklommen uit een diep dal – is contact maken cruciaal voor herstel. “Er gewoon zijn voor iemand. Vanuit vertrouwen ga je samen een proces in. Je wijst iemand bijvoorbeeld op een zelfhulpgroep in het wijkhuis. Voor veel mensen is zo’n groep heel eng, totdat ze eenmaal over de drempel zijn.”

Kweekvijver

Soms lukt het oude vrienden of bekenden weer bij het herstel te betrekken. Daarbij is ook de betrokkenheid van de wijk belangrijk. Van Eeken: “Beide projecten zijn burgerinitiatieven. We betrekken er ook professionals bij, maar zelfhulp is in essentie gewoon een bijeenkomst van mensen in een zaaltje. Zo’n zelfhulpgroep is meteen een prachtige kweekvijver voor de trekkers van een volgende groep. Zo ontstaat vanzelf een poule van mensen in de wijk die willen helpen. Ook als er een crisis is.”

‘Voor eigen inbreng is binnen de GGZ nog veel te weinig ruimte’

Verhalenbank

Voor de twee projecten wordt samengewerkt met onderzoekers van UMC Utrecht en de Universiteit van Amsterdam. Zij voeren een onderzoek uit volgens de ‘narratieve aanpak’ met inzet van de Verhalenbank Psychiatrie van UMC Utrecht. Van Eeken: “Uiteindelijk gaat het om iemands persoonlijke verhaal. Ik zeg altijd: in mijn verhaal verschijn ik aan mezelf. Als je dat ook met anderen kunt delen, kun je elkaar gaan ondersteunen.”

Volhouden en doorpakken

“En nu volhouden en doorpakken met het oog op de mensen met verward gedrag, met de kracht van familie en naasten, met professionals die de ruimte nemen en krijgen om problemen op te lossen en met bestuurders die die ruimte bieden en gaan voor ontschotting, preventie en vroegsignalering.”

Henk van Dijk, landelijk programmaleider personen met verward gedrag, Nationale Politie