Participatiestrateeg Ferenc van Damme

‘We moeten vertrouwen durven geven’

Als burger ben je geen klant van de overheid, maar mede-eigenaar. “Maar als burgers zich zo gedragen, schrikken we ons rot”, constateert Ferenc van Damme, participatiestrateeg Provincie Overijssel. Hij zoekt naar manieren om burgers meer bij beleid te betrekken. “We moeten vertrouwen durven geven.”

Picture this. Er zijn nog maar 12.000 Nederlanders politiek actief. 1,7 procent is lid van een politieke partij. En op hetzelfde moment blijft het vertrouwen in ‘de’ overheid en politici dalen. Het goede nieuws: 90 procent van de Nederlanders heeft wel vertrouwen in ‘democratie’. “Er is geen crisis van de democratie, er is een crisis van de gevestigde partijen”, stelt Tom van der Meer, hoogleraar politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. Van Damme onderschrijft dit. “Politici hebben de neiging om de bal bij de burger te leggen, als het gaat om belangstelling voor politiek en samenleving, maar politici moeten zich zélf een spiegel voorhouden.”

Menselijke maat
In twintig jaar transformeert Nederland naar een nieuwe samenleving waarin alle machtsverhoudingen radicaal zijn omgegooid. En die transitie is al aan de gang. Van Damme: “De gemeenschappelijke factor naar succes is menselijkheid, luisteren, liefde. We moeten terug naar de menselijke maat. Het is tijd voor een systeemupdate.”

Pleonasme
Van Damme noemt de participatiesamenleving een pleonasme. “De overheid zegt dat ze de zorg teruggeeft aan het volk. Maar dat doet ze niet om burgers te laten meedenken of meedoen. Nee, de reden is dat het geld op is. En burgers prikken daar doorheen. De overheid propageert een slagvaardige, veerkrachtige samenleving die meedoet. Maar ik zie alleen een afname in enthousiasme en deelname.”

Compacte overheid
Tegelijkertijd is er wel behoefte aan een ‘participatieve democratie’: een samenleving waarin inwoners, naast politici en professionals, de scheppers van instituties en voorzieningen zijn, is de mening van Roel in ‘t Veld, hoogleraar Bestuurskunde. Zo’n samenleving leidt volgens hem tot een compacte, slagvaardige en faciliterende overheid, een mondige, veerkrachtige samenleving, en zeggenschap van betrokkenen over de aard en inhoud van collectieve voorzieningen.

‘Participatie vraagt passie,
luisteren, lef en de wil
het echt samen te doen’

Bestuursstijl wijzigen
Dit betekent dat de overheid haar bestuursstijl drastisch moet wijzigen, aldus Van Damme. Hij maakt daarbij gebruik van een model van Pröpper en partners waarin die bestuursstijl en participatie naast elkaar worden gezet. “Nu handelt de overheid vaak vanuit een open autoritaire stijl met de burger als toeschouwer en ontvanger van informatie. Als je wilt dat je burgers gaan meebeslissen of zelfs initiatieven gaan nemen, dan moet je naar een delegerende of zelfs een faciliterende stijl. De overheid moet zich dan veel meer open stellen.”

Duurzaamheidspetje
De participatievormen die de overheid nu vaak kiest zijn bijvoorbeeld een burgerpanel, jongerenraad of een buurtraad. Van Damme: “Je moet voorbij de usual suspects. Kijk wie er komt op een burgertop: dat zijn overwegend mannen van boven de 65 met een duurzaamheidspetje op.”
Echte participatie vraagt om een radicale paradigmaverschuiving meent Van Damme. En wel zo snel mogelijk. “De kunst is om in de belevingswereld van anderen dingen te laten ontstaan. We moeten leren loslaten in vertrouwen. Participatie vraagt passie, luisteren, lef en de wil het echt samen te doen. Het lef om kwetsbaarheid op te zoeken. Dat vraagt om een overheid die een podium creëert voor andere mensen en hen trots laat zijn op hun resultaten.”

Drie denkstappen bij participatie

Bepaal per project, per thema of per onderwerp wat je wil bereiken met participatie.

1. WAAROM
Waarom willen we interactie met mensen?
Snappen alle betrokkenen waarom we dit doen?
Waarom zit dit onderwerp op welk niveau op de participatieladder?

2. WAT
Wat zijn de ‘spelregels’in dit geval?
Wat is wiens rol, houding, mandaat en verantwoordelijkheid?
Wat is het verwachtingenmanagement?

3. WIE
Met wie willen we deze klus klaren?
Wat is de belevingswereld van anderen?

4. HOE
Beantwoord eerst bovenstaande vragen. Anders is participatie zonde van de moeite.