Basiskwaliteit Natuur

In de Stad

De stad is een van de nieuwe landschappen in Nederland. En misschien wel het meest weerbarstig in het realiseren van nieuwe biodiversiteit. Twee voorbeelden.

Maike Stiphout

Leren van natuurrijke woonwijken

Door in Nederland te kijken naar bestaande wijken met een bovengemiddelde natuurkwaliteit, kun je leren hoe je natuurrijk bouwt. Landschapsarchitect Maike van Stiphout over de lessons learned. Bij de start al een ecoloog of landschapsarchitect betrekken blijkt een belanrijke factor.

In opdracht van DuurzaamDoor en het KAN platform maakten Robbert Snep (Wageningen University en Research), Maike van Stiphout (DS Landschapsarchitecten) en Jip Louwe Kooijmans (Vogelbescherming Nederland) een ronde langs twaalf natuurrijke woonbuurten die in de jaren 1995-2010 zijn gerealiseerd. De buurten scoren – en dat wisten ze vooraf – bovengemiddeld goed op het gebied van natuurkwaliteit. Het leverde tips op voor gemeenten, woningcorporaties en projectontwikkelaars om meer natuur inclusief te bouwen.

Andere attitude

Van Stiphout wijst erop dat het bouwen met oog voor natuur een andere aanpak vergt. “Het vraagt een andere attitude. Als natuur deel van de opgave is, dan moet je al bij de start een ecoloog invliegen of een landschapsarchitect.” Het vraagt ook een nieuwe kijk op kwaliteit (“Rommelige beplanting is voor heel veel diersoorten juist goed”), een andere klantfocus (“Je bouwt ook voor dieren”), en ten slotte een andere rol: meer kennismakelaar.

Vier basismaatregelen

Bij het bouwen aan een nieuwe wijk komt een aantal praktische basismaatregelen de natuur ten goede:

  • Werk aan voortzetting van de omgeving.
  • Behoud beplanting zoveel mogelijk.
  • Zorg voor inheemse nieuwe beplanting.
  • Houd het water vast waar het valt.

Als de basis op orde is, dan is het tijd voor ‘optopping’: nestkasten en nestplaatsen, weinig verharding, gemengde hagen, zachte oevers, klimplanten en daktuinen.

Beheerstructuur

Het blijkt niet duurder om een natuurinclusieve wijk te beheren, constateren de onderzoekers. Van Stiphout: “Wat echt belangrijk is, is het opzetten van een beheerstructuur. De ontwikkelaar ontwikkelt een woonwijk en draagt die over aan bewoners en beheerders. Dat moet goed geregeld zijn. Beheer door bewoners zorgt voor meer natuur.”

Gert Jan van der Baan

Bouwen voor natuur

Hoe ga je als belegger in en beheerder van huurwoningen om met natuur? Vesteda is een samenwerking aangegaan met Vogelbescherming Nederland. Waterbuffers, groene daken, gasvrij wonen en aandacht voor groen. “Je wilt niet dat de stad verandert in een betonnen woestijn.”

Het hoofdkantoor van Vesteda is gevestigd in een flat met appartementen voor huurders. De tien bovenste appartementen hebben een optopping. In het midden is een dakterras. Daar vind je een combinatie van groen en een waterbuffering. “Dat helpt bij de koeling van appartementen en is bedoeld om planten van water te voorzien. Bovendien ontzien we het rioolstelsel”, vertelt Gertjan van der Baan, directievoorzitter van Vesteda.

Vesteda beheert zo’n 28.000 woningen, vooral in stedelijk gebied. De aandeelhouders – vooral pensioenfondsen – zijn maatschappelijk betrokken. Dat vertaalt zich in beleid van Vesteda, vertelt Van der Baan. “We werken aan groene daken, aardgasvrije woningen. Zonnepanelen. En aan meer groen en natuur in de woonomgeving, bijvoorbeeld door nestkasten te plaatsen voor vogels en vleermuizen.

Stilstaan bij energieverbruik

De belangrijkste reden voor de samenwerking met Vogelbescherming is bewoners bewust maken van natuur en duurzaamheid. Van der Baan: “Als eigenaar en verhuurder zijn wij verantwoordelijk voor een gebouw. Het moet veilig, schoon en duurzaam zijn, maar uiteindelijk zijn bewoners zelf verantwoordelijk voor hun energieverbruik. Met een welkomstpakket – een vogelhuisje en informatie over vogels en natuur – hopen we dat bewoners bewust stilstaan bij hun omgeving.”

Betonnen woestijn

De andere reden is het leefbaar houden van de stad. “Verdichting is belangrijk om woningen betaalbaar te houden. Maar je wilt niet dat stad verandert in betonnen woestijn, waardoor het riool niet berekend is op stortbuien. Door daken te maken waar je water buffert, gevels waarin water blijft hangen en door tegels en asfalt te vervangen door grond waar water doorheen kan, kan je de druk op de riolering laten afnemen.”

Vesteda heeft het manifest Bouwen voor Natuur ondertekend, een pleidooi voor natuurinclusief wonen.

Meer weten?