Doe mee(r) met taal

Hoe verder?

Zet 575 betrokkenen bij de bestrijding van laaggeletterdheid bij elkaar en ze komen tot nieuwe inzichten en ideeën. Zes van hen vertellen wat ze daar nu mee gaan doen.

‘Zijn je folders duidelijk?’

“Ik hoorde vandaag een quote, die me is bijgebleven: Eenzaamheid is schadelijker voor mensen dan hart- en vaatziekten. Laaggeletterden en anderstaligen zitten vaak in een zo’n sociaal isolement dat dit schadelijk is voor hun gezondheid. Gelukkig zijn er steeds meer organisaties en bewegingen die daar hulp bij bieden. Ik neem ook een praktische tool mee na vandaag: tijdens de workshop van Pharos hoorde ik over hun checklist voor voorlichtingsmateriaal. Hiermee kun je heel gemakkelijk toetsen of de tekst en het beeldgebruik in jouw flyer of folder daadwerkelijk voor iedereen duidelijk is. Die ga ik in de toekomst zeker gebruiken.”

Eline Dragt, landelijk platform Het begint met taal

‘Ook het beleid aanpassen’

“In de aanpak van laaggeletterdheid moeten we niet alleen in de communicatie rekening houden met mensen met een lage taalvaardigheid, maar ook in het beleid dat we maken. Ik hoorde vandaag een huisarts vertellen dat hij sommige patiënten geen afspraak meer laat maken om tien vóór of tien óver een bepaald uur, omdat ze dit niet uit elkaar kunnen houden en dan steevast te vroeg of te laat komen. Deze patiënten mogen alleen op het hele of halve uur afspreken. Als je op zo’n manier je beleid weet aan te passen op de situatie, help je niet alleen je patiënten maar ook je eigen onderneming vooruit.”

Karin Biemans, Stichting Lezen & Schrijven

‘Teksten begrijpelijker’

“Wij ontmoeten hier de mensen achter de subsidieaanvragen die we in ons werk voorbij zien komen. Wat we veel van aanvragers horen, is dat ze het jammer vinden dat er een wie het eerst komt, wie het eerst maalt-principe achter de toekenning van de subsidies zit. De snelle aanvrager heeft eerder profijt dan de, inhoudelijk misschien betere, laatkomer. Daarnaast is er bij het aanvragen van subsidies in de communicatie een wereld te winnen: je moet je toch wel door een zeer ingewikkelde tekst weten te worstelen. Natuurlijk, het moet juridisch kloppen, maar daarnaast moet het toch ook begrijpelijk zijn.”

Josien Lodewick en Saskia Frenken, Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I)

‘Hoogopgeleide risicogroep’

“Wij verzorgen taalcursussen voor hoogopgeleide inburgeraars, veelal Syriërs. Hoogopgeleid ja, maar met het risico de laaggeletterden van straks te worden. Dat komt doordat ze in Syrië heel anders opgeleid worden. Frontaal. Terwijl je in Nederland verantwoordelijk bent voor je eigen leerproces en uit jezelf naar de bibliotheek moet gaan. Ik praat hier met mensen over hoe je die omslag kunt bereiken. Ik heb ook veel opgestoken van de ontwikkeling van de website van de Rabobank. Voor de inhoud hebben ze hun eigen medewerkers ingeschakeld. Wil ik ook doen om onze site te verbeteren.”

Hanneke Wentink, manager Nederlands & communicatie, Radboud in’to Languages

‘Bolletje helpen’

“Laaggeletterdheid staat niet alleen in het bibliotheekwezen hoog op de agenda. Ook bedrijven hebben er steeds meer mee te maken en willen er iets aan doen. Educatie op de werkvloer is een begrip geworden. Ik ben vanuit ProBiblio op zoek naar organisaties die wij daarbij kunnen helpen. Ook vandaag, uiteraard. Landelijk zijn er bijvoorbeeld prima contacten met Bolletje en Albert Heijn. Wij kunnen leermethodes en docenten leveren, digitale lessen verzorgen, wisselende boekencollecties aanleveren, noem maar op.”

Thomas Bersee, adviseur basisvaardigheden, ProBiblio

‘Ik verbloemde het altijd’

“De meeste mensen kennen mijn gezicht wel van filmpjes. Twee dagen per week treed ik op als taalambassadeur. Ik vertel de mensen mijn verhaal. Hoe ik al vroeg met de lagere school stopte, ging werken, later een eigen bedrijf had. Mijn vrouw kan goed schrijven en rekenen, ik kan goed kletsen en wist altijd te verbloemen dat ik laaggeletterd was. Op mijn vijftigste heb ik alsnog leren lezen en schrijven. Waarom je het niet snel vertelt? Je moet mensen kunnen vertrouwen. Dat ze niet zomaar de straat op gaan met: heb je het al gehoord, wat een domme gozer is die Jos Niels.

Jos Niels, taalambassadeur, ABC

Vervolg­stappen

Het actieprogramma Tel mee met Taal loopt tot en met 2018. Er zijn al veel mooie resultaten geboekt. Hoe gaan we verder?

Belangrijk doel van het programma is om betrokken partners op lokaal en regionaal niveau structureel beter te laten samenwerken. En dat werkt. Kinderen en volwassenen met een taalachterstand worden sneller opgespoord en krijgen betere begeleiding. Zij krijgen nu de kans om zichzelf echt te ontwikkelen en volwaardig en zelfstandig mee te doen in de samenleving.

Vanaf 2018 is er vijf miljoen euro extra beschikbaar om laaggeletterdheid aan te pakken. Dit wordt zo ingezet dat de betrokken partijen er op lokaal en regionaal niveau structureel en duurzaam mee aan de slag kunnen.

Vraag tijdig subsidie aan

Van 1 januari 2018 tot 1 juli 2018 kunt u gebruik maken van de Tel mee met Taal subsidieregeling. Het budget van het afgelopen jaar was snel op, dus wacht niet te lang met uw aanvraag.

Er is dit jaar subsidie beschikbaar voor 3 typen activiteiten:

  • taaltraining van laagtaalvaardige medewerkers
  • projecten voor de uitvoering van lokale of regionale Taalakkoorden
  • activiteiten gericht op laagtaalvaardige ouders

De subsidieregeling Tel mee met Taal kent een aantal spelregels. Het maximale subsidiebedrag is € 50.000 voor taaltrajecten voor werkgevers en projecten voor de uitvoering van Taalakkoorden. Voor deze twee typen activiteiten is in totaal € 2.500.000 beschikbaar. Voor de activiteiten gericht op laagtaalvaardige ouders is het maximale subsidiebedrag € 1.000.000 en is in totaal € 4.000.000 beschikbaar. Het effect van alle gesubsidieerde activiteiten wordt gemonitord.

Colofon

Doe Mee(r) met taal is een uitgave van het ministerie van OCW, het ministerie van SZW en het ministerie van VWS naar aanleiding van de Conferentie Doe mee(r) met taal op 20 november 2017 in Theater de Meervaart in Amsterdam.

Het e-zine is samengesteld door het volgende team van Magazine on the Spot:

Redactie: Karlijn Broekhuizen, Hester Sleeking,
Anje Romein en Frank Wijvekate
Eindredactie: Richard Post
Vormgeving: Lisanne Gottenbos
Fotografie: Paul Barendregt, Edwin Weers
Film: Luc Busschots en Niels Busschots