Welke vraag brandt er op jouw lippen?

Dat vroegen wij aan drie deelnemers van de Dag van de Cultuureducatie. Onder de overige deelnemers gingen wij op zoek naar de antwoorden.

Vraag 1

Nicole Vroegop, Windroos

Antwoord

‘Laat zien hoe leuk het is’

“Goede voorbeelden werken altijd. Beeldende kunst kun je natuurlijk makkelijk zichtbaar maken. Maar je kunt ook een leuk filmpje maken van een muziekles en die in een loop afdraaien op een laptop in de lerarenkamer. Of speel het af in een lokaal met een digibord. Je kunt ook voorstellen om van les te ruilen. Dat jij een keer bij hem in de klas een cultuurles geeft en dat hij bij jou iets met spannende sommen doet.”

Bianco Roest, De Tasker

Antwoord

‘Je doet het maar!’

“Ik heb het gemakkelijk, bij mij in het team vindt iedereen kunst en cultuur leuk. Maar natuurlijk weet ik dat je er van die collega’s tussen kunt hebben zitten: ‘ik kan niet zingen’, ‘wat moet ik met theater?’, ‘doet me niets, een schilderij’. Dan is er echt maar één oplossing: dat is dan jammer maar het moet. Je kunt hoog en laag springen maar we hebben cultuureducatie in het curriculum opgenomen. Dus je doet het maar. Doorzetten dus.”

Annette de Graven, Het Palet

Antwoord

‘Gaat niet lukken’

“Helaas, het zal je niet lukken. Ik heb lang geskied met de familie. Ik vond er niets aan. Ik kon er niets van. Als je wist hoe ik mij toen voelde: doodongelukkig. En dan moet je iemand die niets met cultuuronderwijs heeft toch voor de klas zetten? Daar maak je echt niemand blij mee. Ook die stijve hark heeft z’n kwaliteiten. Geef hem de kans die zo goed mogelijk te benutten. En laat cultuureducatie aan anderen over.”

Merel ten Elzen, Loveland film and photography

Vraag 2

Karin Mars, Teachers College

Antwoord

‘Je bènt muziek’

‘Vergeet niet: je bènt muziek. Begin met het begin; ontspan en adem. Schouders naar beneden. Zorg dat je met je lijf en gestel echt aanwezig bent. Dan kan eigenlijk alles op ieder moment, bij ieder vak. Zing een vraag, neurie, breng ritme aan in een antwoord. Met zang, maar het kan ook gecombineerd met hinkelen of stampen. Als er maar flow in zit. Dat werkt heel goed met rijtjes: tafels, maanden van het jaar, provincies. Als iets met muziek en ritme in je lijf verankert zit, vergeet je het nooit meer!”

Marina van Arendonk, cultuurmakelaar

Antwoord

‘Rijmen en rappen’

“Ik zet muziek vaak op tijdens overgangen. Een energizer, iets rustgevends of iets vrolijks, net wat de groep op dat moment nodig heeft. Met lezen heb ik ook vaak een achtergrondmuziekje op. Verder heb ik altijd veel plezier als ik kinderen laat rijmen en rappen op muziek. Vaak hebben ze niet eens door dat ze een taalles krijgen, zo gaan ze erin op. En veel kun je zelf verzinnen, maar maak het jezelf ook gemakkelijk en gebruik Pinterest of YouTube. Of gebruik 123ZING. Wij hebben onlangs een abonnement genomen op deze muziekmethode.”

Carolina Weesie, De Argonaut

Antwoord

‘Zorg dat je je comfortabel voelt'

“Begin simpel, bijvoorbeeld met een kleine bodypercussie. Bouw het rustig op, met steeds meer ritme en verschillende geluiden. Vraag kinderen hoe ze hun lichaam nog meer kunnen gebruiken voor geluid, maak ze medeverantwoordelijk. Het is leuk om samen met kinderen zo’n muziekstuk op te bouwen. Belangrijk is wel dat je je er zelf comfortabel genoeg bij voelt. Als jij je ongemakkelijk voelt, voelen kinderen dat aan. Laat je dan helpen door filmpjes van bijvoorbeeld YouTube.”

Jesse Meek, zelfstandig muzikant en verbonden aan Culturele Haven

Vraag 3

Jessica Stolp en Kirsten Regtop, De Windwijzer

Antwoord

‘Gewoon samenvoegen’

“Ik denk dat het heel eenvoudig is om taallessen meer beeldend te maken. Gaat het bijvoorbeeld over fruit, koppel daar dan kleuren aan. Een banaan is geel, een appel groen en een aardbei rood. Daar kan je dan allerlei handelingen omheen verzinnen. Zo laat ik ook weleens een schilderij zien dat is opgebouwd uit fruitstukken. Daarna gaan de kinderen dan zelf een schilderij maken. Eerst vertellen, dan benoemen en daarna zelf doen. Het hoeft niet zo ingewikkeld. Er is al zoveel. Gewoon samenvoegen.”

Stephanie van der Hulst, VSO De Redeschool

Antwoord

‘Maak het gewoon een beetje leuk’

“Zingend de tafels van 1 tot en met 10 leren, of taal omzetten in een lied. Er is heel veel mogelijk, zonder dat het meteen veel tijd kost. Muziek biedt veel aanknopingspunten. Elke vierkwartsmaat heeft bijvoorbeeld vier tellen. Als je dan twee vierkwartsmaten hebt, hoeveel tellen is dat dan? Je moet dat rekenen toch leren. Maak het dan maar leuk. Met dans kan dat ook heel goed. Of met tekenen. Lees je in de klas veel Jip en Janneke? Maak daar dan een tekening bij. Zo gebeurd. En sluit maximaal aan op de belevingswereld van de kinderen.”

Noortje Huiskens, Sebastian Muziekonderricht

Antwoord

‘Vertel vaker over het waarom’

“Ik heb een Fablab aan huis, en daar wordt veel gerekend. Bijvoorbeeld als de kinderen in 3D gaan tekenen en ontwerpen. Toen ik vroeger wiskunde kreeg, toen snapte ik niet waarom ik dat moest leren. Nu snap ik dat wel. We moeten aan kinderen veel vaker uitleggen waarom zij iets moeten leren, wat ze er in het dagelijks leven aan hebben. Dat kan bijvoorbeeld via film, iets wat kinderen allemaal zien. Daar zijn 24 beelden per seconde voor nodig. Hoeveel heb je er dan nodig voor een minuut? Vraag dat, en kinderen gaan dan al snel aan de slag. Dan leren ze rekenen en iets over het maken van een film.”

Louisette van Donkelaar, Holland Maakhuis