8 x Slim


Van een nieuw teeltsysteem voor algen tot het biobakje, gemaakt van 100 procent gerecycled kunststof afval. Van Bio-P2M technologie tot de CO2-absorberende weg. In het Noorden van het land worden slimme oplossingen bedacht om ons land naar klimaatneutraliteit te helpen. Acht inspirerende voorbeelden uitgelicht.

1850 meter CO2-absorberende weg

De wereld van de wegenbouw. Conservatief. Een ‘zo doen we het altijd’-mentaliteit. Saai ook. Asfalt is ‘maar’ asfalt. Wat valt daar nou aan te verbeteren? Heel veel, als het aan Oosterhof-Holman Infra en PolyCiviel ligt. Ze brengen het ook dagelijks in de praktijk. Bijvoorbeeld in Leek, waar ze in september 2017 een CO2-absorberende weg aanlegden.

 

Er zijn allerlei manieren om de CO2-uitstoot omlaag te krijgen. Een daarvan is: het chemisch te binden – of eigenlijk ontbinden – waardoor het eenvoudig verdwijnt. ‘CO2 opeten’, zoals het de landelijke pers haalde. Voor die unieke oplossing hebben ze in de gemeente Leek gekozen.

Het stukje weg van 1.850 meter is naar verwachting goed voor het opruimen van maar liefst 40 ton CO2. Dat staat voor een compensatie van meer dan 300.000 kilometer. Of nog anders uitgedrukt: je kunt met 2.000 minder bomen toe. De provincie Groningen wil bovendien stillere wegen. Ook dat wordt door het nieuwe wegdek gerealiseerd.

 

Energiebesparing

En er is meer. Doordat er lichtgevende steentjes in het asfalt zijn verwerkt, is er ook minder straatverlichting nodig. Energiebesparing dus. En, eenmaal toegepast op grotere stukken weg, een forse kostenbesparing. Zeker als je deze methode in verdiepte wegen en helemaal in tunnels gebruikt. De onderhandelingen met Rijkswaterstaat zijn in een vergevorderd stadium. Leerpunt is wel: bermranden zijn normaal gesproken licht gekleurd, maar de combinatie met een lichtreflecterend wegdek nodigt teveel uit tot hardrijden. Donkere randen maken, dus.

 

Minder lichtvervuiling

Een niet onbelangrijk ander milieueffect van een lichtreflecterende oppervlaktebehandeling tenslotte, is de verminderde lichtvervuiling. Wie dat op waarde wil schatten hoeft ’s nachts maar een minuutje omhoog te kijken. In de Randstad zie je 30 sterren, boven de Waddenzee 3.000.

 

Dit vind ik ervan!

Henk Bakker, gemeente Zuidhorn

‘Kennis ook bestuurlijk delen’

“Ik ben bij de gemeente Zuidhorn verantwoordelijk voor het wegonderhoud. Logisch dat ik geïnteresseerd ben in duurzaamheid. Vooral: hoe ze dat binden van CO2 in Leek voor elkaar hebben gekregen. Daar krijg ik straks namelijk ook mee te maken. Want Zuidhorn en Leek fuseren op 1 januari 2019 met Grootegast en Marum tot de gemeente Westerkwartier. Belangrijk om dit soort innovaties met elkaar te delen. Zeker ook op bestuurlijk niveau, met de wethouder. Al is het alleen al omdat burgers steeds vaker naar duurzaamheid en geluidsreductie vragen.”

Teun van der Weg, plantmanager Suiker Unie Vierverlaten

‘Alles van de biet heeft waarde’

Suiker Unie doet volop mee in de vergroening van Noord-Nederland. De productie van biogas uit bietenpulp is dit jaar met de komst van nieuwe vergisters zelfs verdubbeld. Daarnaast heeft Suiker Unie hoge ambities om energie te besparen bij de suikerproductie.

 

‘Alles van de biet heeft waarde’, weten ze inmiddels bij de Suiker Unie. De restproducten en bietenpulp die overblijven bij de suikerproductie worden vergist tot groengas. Hier kunnen vrachtwagens op rijden, maar het wordt ook aangeboden aan energieleveranciers. Pulp is dus niet langer veevoer, maar door de vergisting tot biogas of bio-ethanol een nieuwe bron van energie of grondstof.

“Biogas is een duurzaam alternatief voor aardgas en bio-ethanol is grondstof voor plastic en kleding”, zegt Teun van der Weg, plantmanager Suiker Unie Vierverlaten. “En dat hele proces begint allemaal op onze bietenakker. We hebben steeds minder hectare akkerbouw nodig om dezelfde hoeveelheid biomassa te maken.”

 

Grootverbruiker

Naast deze ontwikkeling tot producent van biogas is Suiker Unie ook grootverbruiker van energie. Daarin maakt het bedrijf al sinds de jaren 1990 sprongen vooruit. Doelstelling is om in 2020 50% energie te besparen per ton suiker ten opzichte van het referentiejaar 1990 (Kyoto). Nu is dat energiegebruik al teruggebracht met 40%, zónder afname van de suikerproductie. Van der Weg: “Bij elke stap die wij doen zeggen we: het mag geen extra energie kosten.”

 

Brazilianen

Een van de grootste uitdagingen voor de Suiker Unie is de concurrentie met Brazilië. Suiker valt niet meer onder het quotumsysteem, de export is vrij. “We kunnen dus heel erg ons best doen, maar hebben te maken met een wereldmarkt”, zegt Van der Weg. “Om te overleven moet het productievolume hoog zijn en de kostprijs laag. De markt moet laten zien dat ze voor onze duurzame producten kiezen. Willen we met elkaar een fossielvrije maatschappij? Dat is een fundamentele keuze.”

 

Dit vind ik ervan!

Toine Fennis, raadslid Hoogezand-Sappemeer

‘Stel vergisters ook voor derden open’

“Ik hoop op een volledig circulaire economie. De Suiker Unie heeft heel veel invloed in de regio, ik ben onder de indruk van al hun duurzame processen en efficiency. Ik zie vooral de uitdaging in de suikerbiet als seizoensproduct. Een deel van het jaar ligt de bietenproductie stil. Zouden de vergistingsinstallaties dan niet voor restproducten van andere gewassen gebruikt kunnen worden? Dat lijkt me een extra uitdaging voor de regio.”

John Vernooij: ‘Je moet de burger een goed gevoel geven’

Afval in de herkansing

De transitie van een lineaire naar een circulaire economie, zonder grondstoffen en restafval, is in volle gang. Een tussenstap zijn de afspraken die de gemeenten voor 2020 gemaakt hebben: 75% van al het afval hergebruiken en niet meer dan 100 kg restafval per inwoner. In Fryslân zijn ze met 70% en 125 kg goed op weg. Een van de verantwoordelijk partijen is Omrin. De directeur heet John Vernooij.

 

Het creëren van meerwaarde uit huishoudelijk afval begint met scheiding aan de bron. Papier, GFT, plastic, en steeds vaker ook textiel. Vernooij: “Je moet de burger daar wel toe prikkelen. Met prijs en gemak bijvoorbeeld. Er zijn gemeenten die burgers hun restafval zelf laten wegbrengen maar papier en plastic gratis bij ze ophalen.” Het scheiden thuis moet ook hygiënisch zijn, anders begin je er nog niet aan. Én burgers moeten er een goed gevoel bij krijgen: samen voor een betere toekomst.

 

Omdenken

Dan volgt de nascheiding bij Omrin. Hier is nog veel omdenken nodig. Niet beginnen met plastic en bedenken hoe je daar verkeerspaaltjes van kunt maken, maar andersom redeneren. 1: We stellen die en die producteisen. 2: Wat voor soort kunststofkorrels heb je daarvoor nodig? 3: Wat betekent dat voor het schoonmaken van gebruikte kunststofflessen? Zo ga je nog efficiënter met je afval om.

 

Paradepaardje

Het denken in ketens is Vernooijs tweede natuur. Neem de keten groengas. Inmiddels rijden in Fryslân alle bussen daarop en zijn er al 29 biopompstations. De textielketen: het sorteren bij Omrin gebeurt door mensen met een achterstand tot de arbeidsmarkt. En natuurlijk de keten kunststoffen, met Omrins biobakje als paradepaardje. John Vernooij: “In het begin kocht niemand het. Er zat geen sticker op met ‘werken aan een circulaire wereld’. Fout: we hadden het goede gevoel overgeslagen.”

 

Dit vind ik ervan!

Berber Postma, Noorderpoort

‘Circulair inrichten van het ROC’

“Noorderpoort is een van de grootste ROC’s in Noord-Nederland. Ik voer er mijn afstudeeropdracht uit: hoe pak je de circulaire inrichting van lokalen en kantoren aan. Dat gaat dus over het hergebruiken van het meubilair. Ander materiaal dus dan dat van Omrin, maar hun verhaal inspireert me wel. Ik herken er ook in hoe belangrijk het is dat je met alle partijen in de keten afspraken moet maken. Bij Noorderpoort zijn we nu aan het onderzoeken welk circulair model het beste aansluit bij de duurzaamheidsdoelstellingen. Hierbij wordt meegenomen dat het meubilair aan het eind van de looptijd wordt opgehaald door de leverancier  om opnieuw te gebruiken.”

Zero-emission ambulancezorg

Bij UMCG Ambulancezorg werken ze op drie fronten aan zero-emission; de mobiliteit, de huisvesting en de medewerkers. Er worden forse stappen gemaakt, maar er liggen ook nog genoeg uitdagingen.

 

Niemand ziet ze, maar innovatiemanager Jaap Hatenboer is trots op de enorme batterij zonnepanelen op het dak van de vestiging in Emmen. “We hebben ze op meer locaties en ons doel is uiteindelijk om alle panden carbon-neutraal te maken, dus ook helemaal los van het gas. Dat is natuurlijk een ambitie voor de lange termijn, daarom maken we nu ook al stappen. Zo hebben we een regeling voor zonnepanelen voor medewerkers. Ontzettend veel mensen hebben hier gebruik van gemaakt. Het fietsprivépakket werd ook al gretig afgenomen. We denken nu ook aan stimulering van privé elektrisch rijden. Dat betreft de auto, maar ook de fiets, want wellicht komen er dan meer mensen met de fiets naar het werk.”

 

Goede sier

Hatenboer en zijn collega’s onderzoeken ook de mogelijkheid om de ambulances zelf elektrisch te laten rijden. “Landelijk hebben we het over 1,2 miljoen ritten per jaar, met zware en verontreinigende diesels. Maar omdat die ritten met slechts 750 ambulances gemaakt worden, zijn we een kleine speler op de markt. Investeerders en ontwikkelaars staan dan ook niet te trappelen om mee te denken. Jammer, want als product zijn ambulances natuurlijk wel heel zichtbaar. Een ontwikkelaar zou goede sier kunnen maken.”

 

Drones

UMCG Ambulancezorg gaat niet zitten wachten. “Met data-analyse hebben we meer inzicht gekregen in de ritten die we nu maken, daar anticiperen we op. Bijvoorbeeld door rapid responders in te zetten als dat mogelijk is. Een rit op de fiets, kleinere auto of motor levert een heel andere emissie op dan de ambu op pad te sturen. En we moeten ook anders gaan denken. Zo onderzoeken we of we met drones vanaf vliegveld Eelde kunnen werken; dan vervoeren we de zorg naar de patiënt in plaats van dat we de patiënt naar de zorg vervoeren. Met de drone kunnen medicijnen vervoerd worden naar de plaats van het ongeval, zodat ze daar toegediend kunnen worden, bijvoorbeeld door een huisarts.”

 

Nieuwe technologie

UMCG Ambulancezorg zoekt dus naar slimme oplossingen, minder wagens, minder kilometers en minder vervuilende wagens. “Daarnaast willen we ook nieuwe technologie gaan inzetten. Denk aan connected drive en autonome voertuigen. Het is de vraag hoe we in de toekomst communiceren met de rest van het verkeer. Licht en geluid is straks niet meer genoeg.”

 

Dit vind ik ervan!

Roeland Hogt, practor automotive, ROC Noorderpoort

‘Koudwatervrees’

“Ik zie veel koudwatervrees als het gaat om de overstap naar elektrisch rijden, en dat is bij UMCG Ambulancezorg niet anders. Begrijpelijk, maar onnodig naar mijn mening. De ontwikkelingen gaan zo snel, de techniek werkt gewoon. De kans dat zo’n ambulance stil komt te staan, niet genoeg kan opladen of dat de apparatuur uitvalt is echt minimaal. Tegelijkertijd snap ik de kwetsbaarheid. Een stadsbus die stil staat heeft andere consequenties dan een ambulance op weg naar een spoedgeval.”

Het eco-dynamische fietspad

Bij de aanleg van fietspaden, denken we in Nederland aan asfalt en beton, met lantaarnpalen van aluminium. Niet de meest milieuvriendelijke, duurzame en esthetische oplossingen. Dat kan beter, vindt Rudi van Hedel van Sweco. En op termijn ook goedkoper. Tenminste, als je kiest voor biocomposiet. En als je daarbij eco-dynamische verlichting toepast.

 

Sweco experimenteert op dit moment volop met fietspaden van uit (hout)vezels en biohars samengesteld biocomposiet. Het materiaal draagt bij aan zowel een circulaire als een biobased economie. Biocomposiet is 100% duurzaam, terwijl de winning van de benodigde biomassa hout de biodiversiteit in de bermen versterkt. Dat is weer goed voor de bijen en vlinders. Daarnaast heeft het materiaal de prettige eigenschap dat het licht, flexibel en demontabel is.

 

Meer testen

Geen enkel vraagteken? “Ja hoor”, geeft Rudie van Hedel direct toe. “We zijn ervan overtuigd dat de levensduur van biocomposiet van houtvezels minstens zo lang is als die van beton en aluminium. Maar om dat zeker weten, moeten we nog meer testen. Wat is het bijvoorbeeld het effect van UV-straling? En kun je er tientallen kilometers fietspad achter elkaar van aanleggen? Nee, nog niet. Dan heb je grotere platen nodig, weet ik ook als fietsliefhebber, anders bonkt het. Maar fietsbruggen, dat gaat nu al prima.”

 

Eco-dynamische verlichting

Paden en palen van biocomposiet dus. En die eco-dynamische verlichting? “Daarvan staan de voordelen ondubbelzinnig vast”, zegt Van Hedel. “Zo zijn alle kleuren mogelijk. Daarmee kun je ook een fietspad in natuurgebieden verlichten. Vleermuizen houden niet van groen. Dan kies je toch voor amberrood in de zomer en groen of wit in de winter? Extra wit wanneer het mist, trouwens. Want je kunt ook de lichtintensiteit op afstand regelen.” 

 

Dit vind ik ervan!

Wander Jager, Rijksuniversiteit Groningen

‘En dan een bekende gitarist

voor de reclame vragen’

“Als sociaal wetenschapper houd ik me onder andere met transities bezig – vandaar mijn komst naar dit congres. Maar daarnaast ben ik gitarist. En een vriend van me is gitaarbouwer. Erg high tech allemaal. Toen vroeg ik me af: zou je van biocomposiet ook elektrische gitaren kunnen maken? Rudi van Hedel zei: waarom niet? Je kunt biocomposiet zo dun en licht maken als je zelf wilt. Zelf ben ik vooral benieuwd hoe dat zou klinken. En als het dan wat is, moet je een beroemde gitarist vragen de biogitaar in de markt te zetten…”

Omega Green

Duurzaam met algen

Duurzame en grootschalige algenteelt blijkt rendabel. Dat is om meerdere redenen goed nieuws. Algen gebruiken bij hun groei CO2 en kunnen daarmee een aanzienlijke CO2-reductie realiseren. Daarnaast vormen de eencellige plantjes een belangrijke bron van eiwitten en omegavetten. Een proefopstelling van Omega Green in de Eemshaven laat de grote potentie van algenteelt zien.

 

Omega Green heeft naast de Eemscentrale in de Eemshaven een lichtdoorlatend, plastic bioreactor ontwikkeld. In die reactor gaan algen, voedingsstoffen en zout water. Daardoorheen wordt CO2 gepompt. Als de algen zich voldoende vermenigvuldigd hebben worden ze geoogst. Een deel gaat terug in de reactor om nieuwe algen mee te kweken. Het is een gesloten systeem, waardoor geen voedingsstoffen weglekken. “Het is ons gelukt om per hectare een grote algenopbrengst te realiseren. Dat maakt algenteelt nu rendabel”, aldus Monique Schoondorp, chemicus en mede-oprichter van Omega Green.

 

Diervoeding

Algenteelt biedt legio toepassingen. De hoge concentratie eiwitten, omegavetten en antioxidanten maken algen geschikt voor onder andere diervoeding en cosmetica. Een ander probleem dat met algenteelt kan worden aangepakt is het tekort aan biomassa. “In de landbouw kunnen algen worden gebruikt als mestvergisters”, vertelt Schoondorp. “En bij het telen van algen gebruiken we veel minder water en energie dan bijvoorbeeld soja of palmolie. Daarvoor kan het ook een alternatief zijn.”

 

Eemshaven

De Eemshaven is een perfecte locatie voor algenteelt. De energiecentrale zorgt voor de aanvoer van CO2. Schoondorp: “In het Noorden is grote bereidwilligheid om te kijken waar we algen kunnen telen. We doen het alleen op – goedkope – grond die nergens anders voor wordt gebruikt, dus niet op landbouwgrond. We gaan nu bioreactoren bouwen in Marokko en Duitsland, maar we hopen ook op een goede plek in Nederland. Het hoeft niet perse in de buurt van CO2-uitstotend bedrijf, het kan ook met CO2 die in een tank is opgeslagen.”

 

Gert-Jan Veldink, Hanze Hogeschool Groningen:

‘Dit voelt als een stroomversnelling’

“Ik ben blij verrast dat Green Omega op professionele schaal biomassa kan winnen uit algen die ze hebben gekweekt op CO2 en zonlicht. In een ver verleden heb ik zelf aan een algenproject deelgenomen. De omvang die ik hier hoor voelt als een stroomversnelling. Dit concept draagt bij aan een verduurzaming van het energiesysteem maar ook aan de noodzakelijke vorming van de circulaire economie.”

Project Bio P2G

De kracht van methaan

Elektriciteit bewaren blijft een belangrijk vraagstuk. Hoe houden we zonne- en windenergie op een rendabele manier vast? Een oplossing is het omzetten van elektriciteit in waterstof, maar daar kleven nadelen aan. Een alternatief is de waterstof combineren met kooldioxide, waardoor methaan ontstaat: power-to-methane.

 

Methaan, dat kennen we toch gewoon van het aloude aardgas? Klopt, maar de ‘nieuwe’ methaan is geen fossiele brandstof, maar duurzaam gewonnen uit groene elektriciteit. Het wordt daarom windzonnegas genoemd. Onderzoekers van de Hanzehogeschool Groningen onderzoeken in het vierjarige project BioP2G hoe het biologische windzonnegas ingepast kan worden in de energiemix van Nederland. Hoe werkt het precies, welke volumes zijn realistisch en wanneer is de methode rendabel?

 

Micro-organismen

Methaan wordt al op grote schaal gevormd in chemische installaties, bijvoorbeeld in Rotterdam Rijnmond. Om ook op kleine schaal methaan te vormen uit waterstof en kooldioxide zijn ‘oer-bacteriën (archeae) nodig. Deze micro-organismen zetten waterstof en kooldioxide onder geschikte reactorcondities om in het gewenste methaan. Dit biologisch-chemische proces vindt plaats bij veel lagere temperaturen dan de klassiek-chemische processen. Als we dit methaan (of windzonnegas) goed opslaan, slaan we twee vliegen in één klap: opslag van groene elektriciteit en opslag van kooldioxide.

 

Energiemix

Power to methane geeft biogas een aantrekkelijker positie in de Nederlandse energiemix van de toekomst en levert een waardevolle bijdrage aan het halen van de ambitieuze klimaatdoelstellingen. Opschaling, economische en ecologische haalbaarheid van Bio-P2M technologie worden verder onderzocht.

Arriva maakt geen stappen maar sprongen

‘Deze trein is echt een revolutie’

Naast ondernemend, betrokken, toegankelijk en betrouwbaar, wil vervoerder Arriva ook duurzaam zijn. Duurzaamheid wordt bij Arriva vertaald in thema’s als efficiënt gebruik van stoffen, bescherming van natuur, een hoge luchtkwaliteit, geluidsreductie en zuinig gebruik van energie. En revolutionair: de 18 nieuwe treinen rijden op termijn volledig elektrisch met slechts partiële elektrificatie.

 

Naar eigen zeggen maakt Arriva geen stappen naar duurzaamheid, maar sprongen. Hierbij doelt CEO Anne Hettinga op de transformatie van het conventionele dieselmateriaal naar zero emissie. “Onze 18 nieuwe treinen zijn een echte revolutie, een wereldprimeur. Ze rijden op termijn volledig elektrisch. En samen met Zwitserse treinfabrikant Stadler ontwikkelen we technieken waardoor slechts partiële elektrificatie nodig is, dus we kunnen op delen van onze trajecten zonder bovenleiding rijden. Behalve een reductie in CO2-uitstoot betekent dit minder verstoring van de leefomgeving. Bovendien hebben we het over een enorme besparing. Bij volledige elektrificatie moet je denken aan een investering van 175 miljoen, nu is slechts een derde tot een kwart nodig.”

 

Talloze stappen

Er zijn vele andere acties waarmee Arriva haar duurzaamheidsambitie waarmaakt. Zoals via de inkoop van groene energie, zonnepanelen, door te werken in duurzame vestigingen, te wassen met hemelwater, kranen op sensoren, het planten van inmiddels 2.800 bomen via een koppeling aan een busabonnement, via 95% hergebruik van materialen uit oude treinen, afvalscheiding, maar ook door te zorgen voor geluidsreductie bij stationair draaien en het reduceren van brandstofgebruik. Het zijn maar een paar van de talloze stappen die Arriva neemt. Hettinga: “Alles bij elkaar is het enorm. Het is belangrijk om in de hele keten en op grote schaal te durven investeren.”

 

Op sleeptouw

Voor Hettinga is het volstrekt normaal om die inzet te plegen. “Financieel-economisch moet je blijven investeren natuurlijk, maar we staan ook midden in de samenleving. We zijn zichtbaar en doen tastbare dingen met onze 147 treinen, 1.550 bussen, 13 waterbussen en 60 touringcars. Ik vind dat je dan een voorbeeldfunctie hebt. We nemen duurzaamheid serieus en nemen mensen graag mee op sleeptouw.”

 

Dit vind ik ervan!

Evert Salverda, MyWheels

‘Zakelijk en verantwoordelijk’

“Dat Arriva zo fanatiek en op veel fronten investeert in duurzaamheid geeft vertrouwen; Arriva blijkt een zakelijke maar ook verantwoordelijke vervoerder. Ze willen problemen voor zijn, technologische verbeteringen afdwingen, niet afwachten; dat doet me goed. Wat ik mis in het verhaal is de bus. Als milieubewust mens irriteer ik me mateloos aan die grote bussen die met een of twee passagiers rijden. Er is een vervoersplicht, maar dat vervoeren moet toch anders kunnen? Denk aan elektrische kleinere bussen, deelauto’s, de combinatie met andere vervoermiddelen, innovatieve samenwerking met andere partners. Ik hoop dat ook op dit vlak vooruitgang wordt geboekt.”

Meer weten?

Tijdens de Klimaattop Noord vonden nog veel meer presentaties plaats. Deze zijn hier te vinden.