Op de zeepkist

De doelen voor een circulaire economie reiken tot in alle hoeken van de samenleving. Daarom werkt het Rijk samen met een brede coalitie van maatschappelijke partijen. Stientje van Veldhoven (staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat), Sigrid Kaag (minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) en Mariëtte Hamer (voorzitter SER) geven hun visie.

STIENTJE VAN VELDHOVEN 

Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat

Over goede ideeën, nieuwe bedrijfscombinaties die ontstaan en het uitvoeringsprogramma dat er nu ligt. En over ruimte die nog nodig is in regelgeving en educatie.

SIGRID KAAG

Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

Over de potentie van een internationale rol voor Nederland als circulaire economie. Andere landen uit de armoede helpen, de EU meekrijgen in ambities en het economische voordeel van een koppositie.

Mariëtte Hamer

Voorzitter SER


Over grote ambities en de noodzaak zowel ondernemers als consumenten en werknemers mee te krijgen. Waarbij de overheid investeert in kansrijke initiatieven en de arbeidsmarkt kan profiteren.

“Wat is het inspirerend om het circulaire gedachtegoed van dichtbij te zien groeien. Vorig jaar hebben we afgesproken naar één uitvoeringsprogramma te gaan en nu ligt het er. Fantastisch. Daarmee zijn we op nationaal niveau in een nieuwe fase beland: die van het opschalen en versnellen. Er gebeurt al heel veel: er zitten 85.000 activiteiten, 1500 innovaties en een half miljoen banen in de circulaire economie. En achter al die initiatieven gaan mooie verhalen schuil. Van mensen die op een andere manier naar hun omgeving kijken. Van mensen die geloven dat het beter kan, met minder verspilling.

Nieuwe combinaties

Nog vaak word ik verrast door de goede ideeën die er zijn. Ik ben bijvoorbeeld heel blij met ‘Het Versnellingshuis’ dat bedrijven helpt hun circulaire ideeën uit te voeren. En natuurlijk met de ondertekening van het Plastic Pact vandaag, door meer dan zeventig partijen. Daarnaast helpt het wanneer je als overheid zegt: ‘zo wil ik het’, zodat de markt aan die vraag kan voldoen. Het mooie is dat op die manier heel nieuwe combinaties van bedrijven ontstaan.

Stientje van Veldhoven

Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat

‘Een nieuwe fase: opschalen en versnellen’

117 Acties

Maar er is meer nodig. Het zijn de raderen die in elkaar moeten draaien, zodat de circulaire motor echt op gang komt. De aandrijving ligt er. Er is door de overheid extra geld beschikbaar gesteld en het commitment voor deze klimaatopgave is er. Dat heeft geresulteerd in een uitvoeringsprogramma met 117 concrete acties. Het is nu van belang de voortgang te monitoren om de effecten te meten. En volgend jaar, tijdens deze conferentie, maken we de balans op.

Stap voor stap

We hebben samen een ambitieus programma geformuleerd. Ik ben trots op wat we al bereikt hebben. Maar het uitvoeren: dat moeten we samen doen. Daar reken ik op en daar dank ik jullie hartelijk voor. Stap voor stap naar een volledige circulaire economie.”

“Nederland is geen eiland. Nederland is voor haar welvaart, veiligheid en stabiliteit afhankelijk van de mondiale context. Daarom moeten we sámen, met zoveel mogelijk landen en organisaties, circulariteit nastreven. Nederland kan kennis exporteren, een rolmodel zijn en met circulariteit ontwikkelingslanden ondersteunen: inclusief, met oog voor mens en milieu.

Met innovatieve technologieën en organisaties kun je een ontwikkelingssprong maken op een manier die anders niet mogelijk was geweest. Zeker in Afrika en Azië. Zo biedt de circulaire economie enorme kansen om mensen uit de armoede te helpen. Denk aan het betrekken van lokale bedrijven en arbeidskrachten in circulaire ketens. Dit is een ‘moet doen’-moment: laten we nú die transitie realiseren, naar een betere omgang met onze grondstoffen, op een sociale en inclusieve manier.

Sigrid Kaag

Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

‘Dit is een móet-doen-moment’

Het debat over circulaire economie is geen luxe, maar noodzaak. Schaarste en conflicten zijn nauw met elkaar verbonden en versterkt door klimaatverandering. Maar met slim en verantwoord bestuur kun je wel het ergste voorkomen.

Nederland wil en kan koploper zijn op circulaire verdienmodellen. We moeten versnellen, ook internationaal. PACE, Platform for Accelerating the Circular Economy, een netwerk van bedrijven en landen, kan ons daarbij ondersteunen. Echter, dit kunnen we niet zonder onze circulaire ondernemers. Vráág als ondernemer de overheid je activiteit in het buitenland te ondersteunen, bijvoorbeeld met subsidies. Het is goed wat u in het buitenland doet – én goed voor de Nederlandse economie; we kunnen hieraan verdienen. Breng ons op de hoogte van uw activiteit, zodat we u kunnen ondersteunen. Er zijn genoeg middelen.”

“Nog maar zo kort geleden zijn de vijf transitieagenda’s opgesteld en we zien nu al dat wat er bedacht wordt in de praktijk tot uitvoer komt. Wij kunnen nog zoveel bedenken aan de vergadertafels, jullie ondernemers moeten het doen. Ik vind het bijzondere aan de wereld van de circulaire economie dat men denkt vanuit oplossingen. Je kunt stellen: we zijn met elkaar opgestaan en nu zijn we gaan lopen. De volgende stap is de versnelling.

Versnellen

Hoe? Je moet altijd beginnen met een droom. Je moet grote ambities formuleren, anders gaat het niet lukken. En soms wordt die droom even een nachtmerrie, maar als je maar echt wilt, krijg je partijen mee. Misschien begint dat bij de bestuurders, maar we hebben alle Nederlanders – ook consumenten en werknemers – hard nodig om een veel grotere beweging op gang te krijgen. De beweging van de circulaire economie staat niet op zichzelf. 

Mariëtte Hamer

Voorzitter SER

‘Beginnen met een droom’

Er is veel gaande, denk aan het klimaatakkoord, robotisering, digitalisering. Als we al die bewegingen een beetje op elkaar drukken, gaan we nóg sneller vooruit.

Nieuwe arbeidsmarkt

Daarnaast is het belangrijk kansrijke initiatieven te financieren, de overheid moet daar echt in investeren. We praten in deze wereld vaak over kosten, maar niet over baten. Terwijl er zoveel werkgelegenheid mee gemoeid is. De vraag moet volgens mij dus ook zijn hoe we die nieuwe arbeidsmarkt inrichten. Welke vaardigheden hebben werknemers nodig? Juist het werk van kleine ondernemingen die zich richten op een meer circulaire economie, kunnen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt prima uitvoeren. Het is mooi om zulke werelden met elkaar te verbinden.”

Stientje van Veldhoven

Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat

‘Een nieuwe fase: opschalen en versnellen’

“Wat is het inspirerend om het circulaire gedachtegoed van dichtbij te zien groeien. Vorig jaar hebben we afgesproken naar één uitvoeringsprogramma te gaan en nu ligt het er. Fantastisch. Daarmee zijn we op nationaal niveau in een nieuwe fase beland: die van het opschalen en versnellen. Er gebeurt al heel veel: er zitten 85.000 activiteiten, 1500 innovaties en een half miljoen banen in de circulaire economie. En achter al die initiatieven gaan mooie verhalen schuil. Van mensen die op een andere manier naar hun omgeving kijken. Van mensen die geloven dat het beter kan, met minder verspilling.

Nieuwe combinaties

Nog vaak word ik verrast door de goede ideeën die er zijn. Ik ben bijvoorbeeld heel blij met ‘Het Versnellingshuis’ dat bedrijven helpt hun circulaire ideeën uit te voeren. En natuurlijk met de ondertekening van het Plastic Pact vandaag, door meer dan zeventig partijen. Daarnaast helpt het wanneer je als overheid zegt: ‘zo wil ik het’, zodat de markt aan die vraag kan voldoen. Het mooie is dat op die manier heel nieuwe combinaties van bedrijven ontstaan.

117 Acties

Maar er is meer nodig. Meer ruimte in regelgeving, meer educatie. Het zijn de raderen die in elkaar moeten draaien, zodat de circulaire motor echt op gang komt. De aandrijving ligt er. Er is door de overheid extra geld beschikbaar gesteld en het commitment voor deze klimaatopgave is er. Dat heeft geresulteerd in een uitvoeringsprogramma met 117 concrete acties. Het is nu van belang de voortgang te monitoren om de effecten te meten. En volgend jaar, tijdens deze conferentie, maken we de balans op.

Stap voor stap

We hebben samen een ambitieus programma geformuleerd. Ik ben trots op wat we al bereikt hebben. Maar het uitvoeren: dat moeten we samen doen. Daar reken ik op en daar dank ik jullie hartelijk voor. Stap voor stap naar een volledige circulaire economie.”

Sigrid Kaag

Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

‘Dit is een móet-doen-moment’

“Nederland is geen eiland, Nederland is voor haar welvaart, veiligheid en stabiliteit aan de internationale context gecommitteerd. Nederland kan kennis exporteren, een rolmodel zijn en armoede in andere landen bestrijden, wanneer we economische waarden aan de circulaire economie geven.

Ontwikkeling van welvaart gaat niet lineair. Met technologie kun je een sprong maken op een manier die anders niet mogelijk was geweest, zeker in Afrika en Azië. Circulaire economie biedt enorme kansen om mensen uit de armoede te helpen. Dit is een ‘moet doen’-moment: als je nú niet handelt, wordt het een kwestie van overleven. Juist daar. Hier vallen de gevolgen van klimaatverandering nog mee, daar zijn mensen hun huis kwijtgeraakt door een storm. Ja, er zullen nog conflicten komen, zoals in Syrië. Met slim en verantwoord bestuur kun je die wel zoveel mogelijk voorkomen. Het debat over circulaire economie is geen luxe, maar noodzaak.

PACE, Platform for Accelerating the Circular Economy, is een netwerk dat Nederland in staat stelt koploper te worden in de Europese Unie. Het is een race naar de top en we moeten de EU zoveel mogelijk meekrijgen. En: we kunnen eraan verdienen. Vráág als ondernemer de overheid je activiteit in het buitenland te ondersteunen, bijvoorbeeld met subsidies. Het is goed wat u in het buitenland doet – én goed voor de Nederlandse economie. Breng ons op de hoogte van uw activiteit, zodat we niet te laat zijn om te kunnen ondersteunen. Er zijn genoeg middelen.”

Mariëtte Hamer

Voorzitter SER

‘Beginnen met een droom’

“Nog maar zo kort geleden zijn de vijf transitieagenda’s opgesteld en we zien nu al dat wat er bedacht wordt in de praktijk tot uitvoer komt. Wij kunnen nog zoveel bedenken aan de vergadertafels, jullie ondernemers moeten het doen. Ik vind het bijzondere aan de wereld van de circulaire economie dat men denkt vanuit oplossingen. Je kunt stellen: we zijn met elkaar opgestaan en nu zijn we gaan lopen. De volgende stap is de versnelling.

Versnellen

Hoe? Je moet altijd beginnen met een droom. Je moet grote ambities formuleren, anders gaat het niet lukken. En soms wordt die droom even een nachtmerrie, maar als je maar echt wilt, krijg je partijen mee. Misschien begint dat bij de bestuurders, maar we hebben alle Nederlanders – ook consumenten en werknemers – hard nodig om een veel grotere beweging op gang te krijgen. De beweging van de circulaire economie staat niet op zichzelf. Er is veel gaande, denk aan het klimaatakkoord, robotisering, digitalisering. Als we al die bewegingen een beetje op elkaar drukken, gaan we nóg sneller vooruit.

Nieuwe arbeidsmarkt

Daarnaast is het belangrijk kansrijke initiatieven te financieren, de overheid moet daar echt in investeren. We praten in deze wereld vaak over kosten, maar niet over baten. Terwijl er zoveel werkgelegenheid mee gemoeid is. De vraag moet volgens mij dus ook zijn hoe we die nieuwe arbeidsmarkt inrichten. Welke vaardigheden hebben werknemers nodig? Juist het werk van kleine ondernemingen die zich richten op een meer circulaire economie, kunnen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt prima uitvoeren. Het is mooi om zulke werelden met elkaar te verbinden.”

Vier circulaire toppers

Waar staan we op weg naar een circulaire economie en wat moet er nog gebeuren? Vier innovators uit respectievelijk de bouwwereld, de Nationale Denktank, het toerisme en een Fries samenwerkingsverband geven hun visie.

Samenwerking nodig in de bouw

Elphi Nelissen, voorzitter transitieagenda Circulaire Bouw:
“In de bouw zijn er veel ontwikkelingen, er spelen veel duurzame onderwerpen. Door concurrentie is de branche slecht in staat te innoveren. De uitvraag richting de markt moet daarom zo duurzaam mogelijk zijn. Ga je er dan als bedrijf niet in mee, dan mis je de boot. Als je de technologische mogelijkheden laat zien, krijg je bedrijven wel mee. Ook grootschaligheid en garanties zijn voor hen belangrijk om te kunnen innoveren. Daarvoor is samenwerking tussen bedrijven onderling weer belangrijk.”

Basisschool-programma en andere oplossingen

Willemijn Storimans, lid Nationale Denktank:
“We hebben in de Nationale Denktank tien oplossingen bedacht, waaronder een lesprogramma voor groep 7 van de basisschool. Daar zit veel potentie, zij zijn de leiders van 2050. Met het lesprogramma kunnen kinderen kijken wat ze in hun klas zelf aan circulaire economie kunnen doen. We zien dat veel branches niet de eerste stap durven zetten. Die wijzen naar de consument, die bijvoorbeeld goedkope en houdbare groenten wil hebben. Daarom worden ze in plastic verpakt. De consument voelt zich niet machtig genoeg verandering te brengen.”

Overheid nodig voor lange adem

Ingrid Zeegers, programmadirecteur Circulair Friesland:
“Circulair Friesland is vanuit het bedrijfsleven opgericht. We opereren inmiddels met meer dan veertig bedrijven en verschillende overheden. Ons doel is om de vraag- en aanbodkant bijeen te brengen. Daar heb je elkaar voor nodig. We hebben in Friesland samen met hogescholen, bedrijfsleven en de provincie ‘het Nationaal Testcentrum Circulair Plastic’ opgericht. Daar ben ik heel trots op. Willen we de doelstelling ‘100% circulair in 2025’ halen, zoals Friesland ambieert, is de overheid onmisbaar. Veel projecten vragen om een lange adem, daarom is het belangrijk als overheid een verbinding voor minstens drie jaar aan te gaan. Ik heb er alle vertrouwen in dat dat goed komt.”

Vakantieverblijf als springplank

Tanja Roeleveld, Landal Greenparks:
“Je hebt zeker techniek nodig om de circulaire economie mogelijk te maken, maar de verandering is ook sterk afhankelijk van het maatschappelijke draagvlak. Bij Landal Greenparks hebben we deelgenomen aan een aantal zogenaamde CIRCO-tracks gericht op circulair ontwerpen: we hebben onze leveranciers betrokken en zijn samen met hen de circulaire ontwikkeling aangegaan.
Of de circulaire economie al leeft bij onze bijna drie miljoen bezoekers per jaar, weet ik niet. Daarom is hun verblijf bij ons juist een mooi moment — een springplank — om die boodschap aan hen over te brengen. Dat doen we op het gebied van natuur, maar ook steeds meer op het gebied van producten die we gebruiken en hoe onze gasten daar thuis mee om kunnen gaan.”