TIP: Maak als professionals duidelijke afspraken over rolverdeling en verantwoordelijkheid.
TIP: Laat jeugdverpleegkundigen voorlichting geven op school.
Tip: Geef ouders praktische handvatten.
Tip: Maak van seksualiteit een normaal onderwerp.
Tip: Blijf samenwerken en denk niet dat je het zelf allemaal weet.
Tip: Durf met een open mind het gesprek aan te gaan.
Tip: Maak een landelijke richtlijn voor het mbo voor zwangerschapsverlof.
Tip: Vraag je af wat de doelgroep nodig heeft: stel vragen en luister.
Tip: Zet vroegtijdig prenatale zorg in en informeer hulpverleners hoe het gesprek aan te gaan.
TIP: Deel ervaringen uit eigen doelgroep in plaats van alleen (professionele) kennis.
TIP: Beter te vaak en te veel voorlichting, dan ervan uitgaan dat jongeren alles al weten.
Tip: Zorg voor korte lijntjes en beperk ook fysieke afstand (dus loop eens bij elkaar binnen).
Tip: Start een online campagne over anticonceptie en wensen en grenzen.
TIP: Begin vanaf groep 1 met seksuele voorlichting.
Tip: Blijf in gesprek met elkaar.
Tip: Bied online gratis trainingsvideo’s aan voor vrijwilligers die met de doelgroep werken.

Voorkomen is beter

Tijdens de conferentie Uitgerekend nu?! konden deelnemers kiezen uit meer dan veertig workshops. In dit e-zine lichten we er een aantal uit. Op deze pagina lees je waarom goede preventie zo belangrijk is.

  • Conferentie Uitgerekend nu?! (preventie) onbedoelde (tiener)zwangerschappen Nu Niet Zwanger

Voelsprieten richting de kwetsbare ouder

Het programma Nu Niet Zwanger van GHOR GGD geeft kwetsbare ouders meer regie en zelfbeschikking, door in het vervolg een ongeplande en ongewenste zwangerschap te voorkomen. Kern van het programma is een gesprek over kinderwens, seksualiteit en anticonceptie.

De kwetsbare groep ouders kent vaak meer problemen, zoals een licht verstandelijke beperking, schulden, en de invloed van loverboys. Deze jongeren leven bij de waan van de dag en zijn niet zelfredzaam. Zorgprofessionals werken vanuit ieders expertise nauw samen om signalen op te pikken en om te zetten in actie.

Presentie en motivatie

Een zogenaamde ‘aandachtsfunctionaris’ opent het gesprek met de moeder niet meteen met het onderwerp anticonceptie. Hij of zij vraagt eerst hoe het gaat en hoe het ouderschap bevalt. Belangrijk is om goed te luisteren (‘presentie’) en signalen op te pikken (‘motivational interviewing’). Een zin als ‘Ik ben moe’ of ‘Ik heb geen geld’ kan opening zijn voor veranderingen.

Conferentie Uitgerekend nu?! (preventie) onbedoelde (tiener)zwangerschappen

‘We laten deze kwetsbare jonge ouders niet los.’

Jip-en-janneketaal

Gevoelige onderwerpen worden in jip-en-janneketaal besproken. Is er actie nodig na het gesprek, dan gebeurt dat direct. De ‘aandachtsfunctionaris’ kan de inhoudelijke coördinator benaderen, die contact heeft met het somatische netwerk in een wijk en functionarissen traint. “Het hoort bij de verantwoordelijkheid van de hulpverlener om dat gesprek aan te gaan”, zegt Ira van Winden van het landelijk programmateam Nu Niet Zwanger. “We moeten ze helpen op weg naar een gesprek over adequate anticonceptie. We laten ze niet los.”

Emoties

Succesfactoren van Nu Niet Zwanger zijn: kennisontwikkeling, verantwoordelijkheid nemen, financiële ondersteuning, het betrekken van de omgeving en aandacht voor emoties van zowel de tienerouder als de professional.

  • Conferentie Uitgerekend nu?! (preventie) onbedoelde (tiener)zwangerschappen Mirjam van der Wees, GGD Amsterdam

‘Echt in gesprek’

“Wij gaan ook werken met dit programma, waarin ik aandachtsfunctionaris word. Ik vind de thema’s sterk. Je moet contact kunnen maken. Ik heb daarvoor al gesprekstraining gehad. Maar niet iedereen kan het. Het moet bij je passen en je moet niet te snel oordelen, zoals ‘Waarom gebruikt ze dan ook geen pil?’. Je moet écht in gesprek.”

  • Conferentie Uitgerekend nu?! (preventie) onbedoelde (tiener)zwangerschappen Feiten en fabels op een rij

‘Aantal abortussen onder tieners is gedaald’

“Vrouwen die voor abortus kiezen krijgen achteraf spijt”, “Nederland heeft vast een recordaantal abortussen” en “de meeste abortussen vinden plaats bij tieners”: er bestaan nog altijd een hoop misverstanden rondom abortus. Een aantal feiten en fabels op een rij.

In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, is de grootste groep vrouwen die een abortus  ondergaan tussen de 25 en 30 jaar. De grootste groep daarna is tussen de 30 en 35 jaar. Monique Opheij, abortusarts en bestuurslid van het Nederlands Genootschap van Abortusartsen (NGvA): “Het aantal abortussen onder tieners is de afgelopen jaren gedaald naar 8,7% van het totaal.” Dat totaal ligt overigens relatief laag, zegt Opheij. “Per jaar zijn er in Nederland rond de 30.000 abortussen, en dat aantal is de afgelopen veertig jaar nagenoeg hetzelfde gebleven. In vergelijking met andere landen is het bovendien een relatief laag getal.”

‘Ook met gevoelens van verdriet en rouw kun je nog steeds achter je keuze staan.’

Opluchting en verdriet

“Verreweg de meeste vrouwen die bij ons in de kliniek komen, zijn zeker van hun keuze,” vertelt Jorien Nijland, eveneens abortusarts en bestuurslid van het NGvA. “En als we ook maar enige twijfel bespeuren, stellen we voor een nieuwe afspraak te maken of verwijzen we naar een keuzehulpaanbieder, de huisarts of de psycholoog voor een keuzehulpgesprek.” Een ander misverstand is dat vrouwen spijt krijgen na een abortus. “Uit onderzoek blijkt dat vrouwen na een abortus vaak gemengde gevoelens hebben,” vertelt Nijhuis. “Die gevoelens variëren van opluchting en blijdschap tot verdriet en schaamte. Maar spijt krijgen, dat gebeurt zelden. Ook met gevoelens van verdriet en rouw kun je nog steeds achter je keuze staan.”

  • Conferentie Uitgerekend nu?! (preventie) onbedoelde (tiener)zwangerschappen