Integraal werken

Integraal werken

Zuid-Nederland

1 oktober 2018

Onder de loep

Leiden | Vliegende brigade activeert kwetsbare wijkbewoners

In de Leidse wijk Meerburg wonen relatief gezien veel kwetsbare burgers met een GGZ-achtergrond. Een aantal van hen zoekt niet automatisch contact met anderen en dreigt te vereenzamen. Met behulp van een vliegende brigade, het Zelfregiecentrum en het signaleringsoverleg wordt dat voorkomen.

“We hebben gekozen voor een andere insteek dan hulpverlening”, vertelt Sjoerd Gerritsen, initiator van het programma ‘Meedoen met Meerburg’. “Het Zelfregiecentrum had al een klein kamertje in het buurthuis. Huis-aan-huis zijn ansichtkaarten verspreid, om daar de aandacht op te vestigen. En we hebben een vliegende brigade gemaakt van ervaringsdeskundigen.” Deze vliegende brigade stapt af op personen die worden aangedragen door het ‘signaleringsoverleg’, met daarin de huisarts, de wijkagent, huismeesters en sociaal werkers.

De aanpak blijkt succesvol. Het kleine kamertje in het buurthuis, waar het Zelfregiecentrum zetelde, was al snel te klein. En dus verhuisde het centrum naar de grote zaal. Daar konden de kwetsbare inwoners terecht voor koffie, een maaltijd, een gesprek of een activiteit, zoals schilderen of om te wandelen met ezels. Er kwamen ook mensen uit andere dorpen naar het Zelfregiecentrum.

Ook het Zelfregiecentrum zelf draait op ervaringsdeskundigen. Het fungeert als ontmoetingsplek, maar ook als ‘intake-locatie’. Gerritsen: “Als duidelijk is dat het niet goed met iemand gaat, zorgt de beheerder ervoor dat iemand een praatje komt maken.”

Het is soms balanceren op het randje van privacy, erkent Gerritsen. “Je gaat je bemoeien met de thuissituatie van iemand. Maar wij vinden dat deze mensen het nodig hebben. Ongeveer vijftig procent van de mensen die wij aanspreken gaat uiteindelijk mee naar het Zelfregiecentrum. Gaan ze niet mee, dan zijn de informele mogelijkheden uitgeput.”

De gemeente Leiden wil het project opschalen naar andere wijken: ‘Meedoen met Meerburg’ wordt dan ‘Meedoen met de Stad’. Dat is een erkenning voor het project, maar opschalen is niet eenvoudig, merkt Gerritsen. “In elke wijk moet je een signaleringsoverleg hebben met mensen die het leuk vinden om bij elkaar te zitten. Je moet bovendien de continuïteit kunnen waarborgen van een Zelfregiecentrum. En de belangen worden groter, ook financieel.”

Tips

  • Betaal de huisarts voor zijn deelname aan het signaleringsoverleg: hij is een kleine ondernemer.
  • Zet ervaringsdeskundigen in om kwetsbare burgers te bereiken.

Reactie

‘Mooi dat het zo laagdrempelig is’

“Mooi aan dit project is dat het zo laagdrempelig is. Ook een goede les is dat het een stevige start had, omdat de partijen die hier uiteindelijk samenwerken elkaar al kenden. Wat me wel opviel is dat zorgverlenende instanties hebben bedacht wat die kwetsbare inwoners nodig hebben. Ik miste in dit verhaal de burger zelf. Wij werken vanuit positieve gezondheid. Daar zijn meedoen en zingeving kernbegrippen. Daar kan in Leiden nog wel een slag op worden gemaakt.”

Mirjam Beelen (gezondheidsmakelaar GGD Limburg-Noord)

Onder de loep

Huizen, Laren, Blaricum, Eemnes | Vaarwel sociale dienst en Wmo-loket

Een telefoonnummer voor inwoners, aanbieders, huisartsen. En direct een consulent aan de lijn voor alle hulpvragen, of het nu de Wmo, de Participatiewet of de Jeugdhulp betreft. Zo werken ze in Huizen, Blaricum, Eemnes en Laren, gemeenten waar de sociale dienst en het Wmo-loket passé zijn.

Jeroen Bigot, afdelingshoofd Maatschappelijke Zaken in de vier gemeenten, is enthousiast over de omslag. “Alle consulenten hebben een mobiele telefoon. Inwoners nemen direct contact op met de consulent. Ik geloof in korte lijntjes.”
Wat vroeger de sociale dienst was, zijn nu drie verschillende teams. Het ene team richt zich vooral op werk; daarin zitten specialisten op het gebied van de Participatiewet en de Wmo. Het tweede team richt zich op iedereen tot 27 jaar. Bigot: “Zo ondervang je ook de lastige overgang van 18- naar 18+.” Het derde team richt zich op de Participatiewet en schuldhulpverlening en heeft als focus zorg, participatie en begeleiding.

De consulenten werken samen rondom een inwoner in  multidisciplinaire teams. Waar meerdere disciplines nodig zijn ontstaat samenwerking. Eén persoon heeft de regie op het proces. Bigot: “Een jeugdconsulent kan prima zien dat iemand een inkomensprobleem heeft. Ook moet een consulent die komt praten over een uitkering oog hebben voor eenzaamheid. Intern ontstaan er dan informele teams die de inwoner ondersteunen.”

De consulent gaat op huisbezoek. Inwoners hebben zelf de regie en maken samen met de consulent een plan van aanpak. Het doel is dat inwoners maar een keer hun verhaal hoeven te vertellen. Bigot: “Kernwaarden zijn nabijheid en oprechte betrokkenheid. Dat is zoveel belangrijker dan wat je op papier zet. Ik verwacht bijvoorbeeld dat consulenten een appje sturen als er een belangrijke activiteit is in het leven van een cliënt. Zo’n berichtje zou je immers zelf ook willen ontvangen.”

Natuurlijk kan er nog veel verbeterd worden. Zo vindt Bigot dat de gemeente nog te veel brieven stuurt in te moeilijke taal. En de consulent loopt ook tegen beperkingen op. Bigot: “Als er een wachtlijst is, dan ben je als consulent niet klaar. Dan moet je de vinger aan de pols houden bij cliënt en aanbieder. Naarmate we dichter bij de inwoners komen, komen de grotere vragen bovendrijven.”

Tips

  • Zorg ervoor dat de consulent voldoende tijd heeft om een goed gesprek te voeren met de inwoner.
  • Laat consulenten moeilijke vraagstukken voorleggen aan bestuurders en gemeenteraden. Zo creëer je draagvlak.

Reactie

‘Kijk naar wat inwoners nodig hebben’

“Als je dit wilt invoeren weet je dat er weerstand komt. Het vraagt om commitment: bovenin moeten ze het ermee eens zijn. Maar je moet ook het team meekrijgen. Zo’n organisatorische omslag is mooi, maar er valt al veel winst te halen in vriendelijker taalgebruik. ‘We gaan in gesprek’, klinkt beter dan ‘We hebben een aanmelding’. Kijk wat inwoners nodig hebben; dat noemen wij de liefde voor het vak.”

Maud van Hoogstraten (beleidsadviseur sociaal domein Culemborg)

Onder de loep

Doen wat nodig is, niet wat de regels willen

Veel inwoners die bij de wijkteams aankloppen, hebben te maken met problemen op het terrein van bestaanszekerheid. De stress die dat oplevert staat participatie vaak in de weg. City Deal Eenvoudig Maatwerk wil deze problematiek 'op grensvlakken' uit de weg ruimen.

In Eenvoudig Maatwerk, opvolger van De Inclusieve Stad, werken acht steden, vier ministeries en zes uitvoeringsinstanties samen aan innovatieve, baanbrekende aanpakken in het sociaal domein. Vertrekkend vanuit het perspectief en met betrokkenheid van huishoudens, maar ook met oog voor het uiteindelijk maatschappelijk en financieel rendement.

Landelijk projectleider Pieter Hilhorst vat het kernachtig samen: “Je moet doen wat nodig is in plaats van doen wat de regels willen. Welk doel wil je bereiken en hoe pas je de regels daaraan aan? Daarvoor moet je verder kijken dan individuele gevallen, en patronen zien te ontdekken.”
In Utrecht hebben ze daar inmiddels ruime ervaring mee. Jessica van den Toorn, werkzaam bij het Verwey-Jonker Instituut vertelt: “We gingen hier veel teveel uit van rechtmatigheid, modelburgers en gestandaardiseerde contracten. Er moest echt ruimte voor maatwerk en flexibele budgetten komen. Dat inzicht leidde tot het instellen van een wekelijks stedelijk citydealoverleg.”

Bij het overleg zijn buurtteams, woningcorporaties en gemeentelijke instanties betrokken. Problemen komen er op tafel en worden liefst ook binnen een half uur opgelost. Deelnemers zijn beslissingsbevoegd. Privacy speelt geen rol want iedere casus komt anoniem ter tafel. Probleemvoorbeelden? Leerlingenvervoer dat net niet past. Of de kostendelersnorm die ouders en hun volwassen geworden gehandicapte kinderen in de problemen brengt.
Sommige gemeenten hebben overigens al een maatwerkbudget. “Maar”, zegt Hilhorst, “dat wordt lang niet altijd gebruikt. Terwijl we inmiddels weten dat maatwerk meestal een besparing oplevert.”

Hoe reken je dat dan uit? Hilhorst: “Ga er eens van uit wat het kan kosten als je een bepaalde burger níét helpt. Dat is natuurlijk een inschatting, want het loopt niet met iedereen slecht af. Je moet dus van een soort gemiddelde uitgaan. En kijk dan wat het betekent als je als gemeente nu wél wat uitgeeft. Meestal ontdek je dan dat je op termijn goedkoper uit bent.”

Tips

  • Voorkom dat maatwerk willekeur wordt. Weeg daarom ook de betrokkenheid en bereidwilligheid van het huishouden mee.
  • Maak een WhatsApp- of e-mailgroep aan en deel het hoe en waarom van de maatwerkbeslissingen die je neemt.

Reactie

‘Op zoek naar ambassadeurs’

“Het verhaal van Utrecht sluit aan bij wat we in Venlo doen: oplossingen op wijkniveau zoeken. Waarbij ik wel heb gemerkt – bij Werk & Inkomen althans – dat je niet zonder ambassadeurs kunt. Je moet twee of drie voortrekkers in een team zoeken die de anderen kunnen prikkelen. Dat zijn vaak de collega’s die het meest mensgericht en oplossingsgeneigd zijn. De praktijk heeft inmiddels geleerd dat de rest dan volgt.”

Ine Sijbers (Beleidsadviseur Wmo, gemeente Venlo)

In het kort

Eindhoven | Buurt in bloei versterkt de basis

Met de aanpak ‘Buurt in bloei’ creëert Eindhoven een kansrijke buurt waarin inwoners, informele netwerken, verenigingen en ondernemers de mogelijkheid hebben hun talenten te ontwikkelen. Dit gebeurt door verbindingen (‘matches’) te maken tussen inwoners onderling en tussen inwoners, initiatieven en ontwikkelplaatsen. ‘Buurt in bloei’ is een aanpak ontwikkeld door Stichting WIJeindhoven in opdracht van de gemeente.

Senna Swinkels, strategisch adviseur Sociaal Domein in Eindhoven, is enthousiast over de aanpak. “Bij meer dan 115 mensen hebben we hun ‘behoefte’ gekoppeld aan een passende activiteit. Dit betekent dat zij nu vrijwilligerswerk, begeleide arbeid of betaalde arbeid doen, op plekken waar zij zich kunnen ontwikkelen en zich goed voelen. Maar het kan ook betekenen dat inwoners aan elkaar zijn gekoppeld en elkaar helpen met kleinere behoeften.”

Ontwikkelaar en programmaleider Sylvie van der Heijden van Stichting WIJeindhoven wordt zelf heel blij van mensen als Fatma, die na 19 jaar uitkering via een werkervaringsplek een betaalde baan heeft gevonden bij een woningcorporatie. Van der Heijden: “Als je de juiste verbindingen legt, is er heel veel mogelijk. Daarom versterken wij netwerken in de wijk. Zo verstevigen we de basisstructuren. Dat is fijn voor mens en buurt.”

Tips

  • Versterk verbindingen in wijken.
  • Maak ‘matches’ tussen inwoners onderling en tussen inwoners en initiatieven.

In het kort

Noord-Brabant | Camping Kafka

Gescheiden vaders, arbeidsmigranten, zzp’ers, alleenstaande moeders, dementerende ouderen, mensen met schulden. Het waren de bewoners van de beruchte camping Fort Oranje. Maar nu is er Camping Kafka.  Daar onderzoeken campingbewoners, beleidsmakers, onderzoekers en kunstenaars hoe het anders kan.

Wat begon als artistieke interventie is inmiddels een voorbeeld van integraal werken. “Camping Fort Oranje was misschien extreem. Maar op alle recreatieterreinen wonen wel mensen die vastlopen in onze samenleving. Ze kunnen op de woonmarkt geen plekje vinden”, vertelt initiatiefnemer Klaas Burger van de Academie voor Beeldvorming.

Wonen op vakantieparken is verboden. Voor wie daar toch woont, groeit de afstand met de gereguleerde samenleving. 

Het CBS houdt over deze mensen geen cijfers bij. Alleen als het mis gaat zie je dit terug in handhavingsstatistieken. Media en politiek praten daarom al snel over vakantieparken als criminele broeiplaatsen in het buitengebied.

Camping Kafka zet daar een ander beeld tegenover. Burger: “We hebben een aantal beeldende en theatrale werkvormen ontwikkeld waarin je kennismaakt met de leefwereld op campings. Elke werkvorm leidt terug naar de kern: hoe kunnen we dit vraagstuk op een meer preventieve manier behandelen?”

Tips

  • Denk vanuit verschillende perspectieven na over preventie.
  • Aarzel niet om daar onconventionele werkvormen bij te gebruiken.

In het kort

Dordrecht | Maatwerk op de woningmarkt

Om kwetsbare mensen te ondersteunen op de woningmarkt heeft regio Drechtsteden een maatwerk-tafel opgezet. Daar buigen vertegenwoordigers van  zorginstellingen, wijkteams en corporaties zich over complexe gevallen die maatwerk vragen.

“Soms moet je van een verordening afstappen en kijken wat mensen persoonlijk nodig hebben”, stelt voorzitter Mireille Henderson van de gemeente Dordrecht. “Vernieuwend? Welnee. Dit is werken vanuit de bedoeling.”
Toch vereist het lef. Hendersen: “Zelfs mijn eigen collega’s moet ik ervan overtuigen dat het kan. Ze vrezen dat individuele behandeling precedenten schept. Dan moet je stevig blijven en kunnen verantwoorden waarom je buiten de lijntjes kleurt. Tot op bestuursniveau aan toe.”

Mede dankzij het brede mandaat van de doe-tafel lukt dat. Partners zetten oplossingen daardoor intern makkelijker door, ervaart Hendersen. “Mijn belangrijkste tip? Dit concept valt niet letterlijk te kopiëren. Juist het samen op zoek gaan naar een maatwerk-modus, het vallen en opstaan met lokale partijen, is cruciaal voor succes.”

Tips

  • Leer van andere gemeenten, maar durf vooral ook met lokale partners je eigen weg te vinden.
  • Zet niet te veel deelnemers aan tafel – een per partij is overzichtelijker.

In het kort

Meierij en Bommelerwaard | ‘Je hebt elkaar nodig’ in vijf vuistregels

Hoe bied je aan psychisch kwetsbare inwoners een veilig thuis, gewoon in de wijk? Dat lukt alleen als gemeenten, woningcorporaties en zorgorganisaties samenwerken op basis van gedeelde waarden. Ze hebben elkaar nodig, stelt Ann Meijer (gemeente Den Bosch).

In de Meierij en de Bommelerwaard zijn die gezamenlijke waarden vertaald in vijf vuistregels.

  1. Iedereen een dak boven z’n hoofd, ook als iemand het huis uit moet door  bijvoorbeeld ernstige overlast.
  2. Iedereen een zinvolle daginvulling: veel mensen zitten in een speciale voorziening. Het is voor het netwerk beter als ze die daginvulling in de eigen wijk hebben.
  3. Iedereen passende ondersteuning. Psychisch kwetsbare inwoners kunnen snel van stabiel naar labiel gaan. Dan moet de zorg snel en goed georganiseerd worden.
  4. Iedereen gezonde financiën. Daar is begeleiding voor nodig.
  5. Iedereen een fijne leefomgeving.

“Het gaat dus om veel meer dan alleen huisvesting. Het gaat ook om het bieden van zekerheid en samen bouwen aan vertrouwen“, stelt Meijer.
Het doel is dat in acht jaar tijd tachtig procent van de mensen die nu beschermd woont, overgaat naar de wijk. “Maar belangrijker is dat die overstap ook echt meerwaarde moet hebben voor de mensen om wie het gaat.”

Tips

  • Denk bij projectleiding aan iemand die meervoudig partijdig is, die meerdere ‘talen’ spreekt en alle partijen kan verstaan.
  • Ruim een goede positie in voor de mensen om wie het gaat. Praat met hen, niet over hen.

Navigatie