Maatschappelijke Ondersteuning

Maatschappelijke Ondersteuning

Noord-Nederland

8 oktober 2018

Onder de loep

Zwolle | ‘Gewoon gezellig’ op de Klooienberg

Op vier plekken in de regio Zwolle komen mensen zonder en met een verstandelijke beperking bijeen. De laatste kunnen hier hun netwerk vergroten. Ze zijn even geen cliënt, maar dierenverzorger, koffieschenker of hulp. Zo verruimen ze hun blik en kunnen ze in een veilige setting oefenen op hun taak.

Wijkboerderij de Klooienberg in Zwolle, een wijkmoestuin in Steenwijk, een dagcentrum in Zwartsluis en ’t Noaberhuus in Dalfsen zijn de locaties. Mooi, makkelijk bereikbaar en met voldoende aanloop. Op elke locatie zijn twee à drie professionals die voor aansturing zorgen. “Belangrijk is dat er reuring is en voldoende diversiteit in activiteiten”, zegt Alke Haarsma van de Hogeschool Viaa en de Werkplaats Sociale Domein Zwolle. Ervaring leerde haar dat de mensen zonder verstandelijke beperking die op dergelijke centra afkomen, soms zelf ook problemen meenemen. Het is daarom kwetsbaar om de activiteiten volledig op vrijwilligers te laten draaien. Studenten onderzochten voor elke locatie de wensen en behoeften van buurtbewoners. Op de Klooienberg komen bijvoorbeeld ook scholieren en studenten af. Haarsma: “En in een kinderrijke buurt is het handig wanneer er voor kinderen iets te doen is.”

In een flyer staan tips om een dergelijke locatie op te zetten, op drie niveaus. De professional wordt op het hart gedrukt dat hij of zij er voldoende ruimte voor moet hebben en het niet als extra taak erbij krijgt. Idealiter is de professional namelijk stabiel en langdurig betrokken. Voor de locatie zelf geldt dat er ruimten nodig zijn waar mensen met een LVB zich even kunnen terugtrekken van alle prikkels. Beleidsmakers, tenslotte, worden aangemoedigd vanuit vertrouwen de vrije hand te geven, na te denken over verbindingen met aangrenzende gemeenten en te kijken hoe ze individuele trajecten kunnen bundelen tot collectieve. Tijdens ‘leerbijeenkomsten’ komen de sociale professionals en beleidsmakers bijeen om ontwikkelingen, ideeën en acties te bespreken.

Tips

  • Zorg voor een open en veilige locatie.
  • Zorg voor ruimten waar mensen met LVB zich even kunnen terugtrekken.
  • Zorg voor sociale professionals met voldoende tijd.

Reactie

‘Mooie, de ontmoeting in veilige setting’

“Ik vind de focus op collectieve in plaats van individuele trajecten mooi. En de ontmoeting in een veilige setting. In Voorst hebben we het preventieproject ‘Voorst onder de loep’. We hebben 450 mensen gesproken waaraan zij behoefte hebben. Op alle niveaus – beleid, uitvoering en maatschappelijke organisaties – zijn we ermee bezig. We hebben gezamenlijke doelen bepaald en nu komt de uitvoering. Tja, dan moeten mensen anders gaan werken en wordt er opnieuw naar subsidies gekeken.”

Ernst van Beek (gemeente Voorst)

Onder de loep

Apeldoorn | Training vroeg-signalering LVB voorkomt erger

Het Landelijk Kenniscentrum LVB organiseert in Apeldoorn een training voor professionals die met licht verstandelijk beperkte mensen in aanraking komen, zoals Wmo-consulenten, medewerkers van Werk en Inkomen, jongeren-BOA’s, klantmanagers en jongerenwerkers.

“Ze gebruiken moeilijke woorden waarvan ik nog nooit heb gehoord.” “Soms zegt mijn lichaam: ‘Ho, stop!’ Dan is het genoeg.” Enkele uitspraken van mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB). Ze vertellen hoe zij hun omgeving ervaren in de documentairefilm ‘Ik ben 6 van 6’ , onderdeel van de training.

Dankzij de training kunnen de professionals een beperking eerder signaleren. Dan kunnen ze daar hun dienstverlening en bejegening op afstemmen. Ruim twee procent van de bevolking is LVB. Dat wil zeggen: een IQ tussen 50 en 85. In taalgebruik kopiëren ze vaak moeilijke woorden, waardoor ze intelligenter lijken, maar ondertussen hebben ze moeite met het structureren van hun leven en het begrijpen van anderen. Soms met grote gevolgen. Ze kunnen in verwarring bijvoorbeeld gedrag vertonen dat hun uitkering in gevaar brengt. Of ze missen belangrijke financiële informatie en lopen hulp mis.

“Het probleem is juist groter onder de groep met een relatief hoger IQ, omdat bij hen de beperking minder snel herkend wordt”, weet Jolanda Douma van het LKC. Misverstanden ontstaan bijvoorbeeld doordat ze de kern uit een boodschap niet oppikken, cynisme niet doorhebben, eerder zwart-wit denken en minder controle hebben over hun impulssturing.

Toch zijn er ook bij deze groep signalen om op af te gaan. In de eerste plaats het eigen niet-pluis-gevoel dat je als professional kunt hebben, zelfs wanneer er niet direct een probleem zichtbaar is. Daarnaast kun je kijken naar schoolopleiding, zitten blijven, (gebrek aan) sociaal netwerk en moeite met rekensommen of het schrijven van teksten. Het taalgebruik van deze mensen is beperkt, evenals het vermogen tot klokkijken. Ook kinderlijke hobby’s en voorkeuren kunnen een signaal vormen.

De 41 professionals die de training volgden, gaven in grote meerderheid aan mensen met LVB er beter door te kunnen benaderen en beter gesprekken met ze te kunnen voeren. “Ze zeggen ook nu beter op objectieve gronden LVB te kunnen vaststellen”, vertelt Sander Scherders van de gemeente Apeldoorn. “Ja, het kost wat meer tijd. Maar problemen die kunnen ontstaan door verkeerde bejegening nog méér.”

Tips

  • Gebruik eenvoudige woorden en korte, concrete zinnen.
  • Pas je spreektempo aan en herhaal zaken.
  • Schrijf afspraken op en wees voorspelbaar en consequent. Mijd ironie.

Reactie

‘Voelen hoe LVB is’

“Wat ik goed vind aan de training, is dat je eerst kijkt wat iemands cognitieve vermogen is – of die persoon nu LVB is of gestresst. Ik ben zelf trainer geweest bij het Leger des Heils. De filmpjes bij deze cursus laten je echt voelen hoe iemand met LVB dingen ervaart. Dat vind ik sterk eraan. Ik ga dit delen met mijn collega’s van het Stadsteam.”

Jannetta Holleman (gemeente Enkhuizen)

In het kort

Dordrecht | Vechten voor maatwerk op de woningmarkt

Om kwetsbare mensen te ondersteunen op de woningmarkt heeft de regio Drechtsteden een maatwerk-tafel opgezet. Daar buigen vertegenwoordigers van onder andere zorginstellingen, wijkteams en corporaties zich over complexe gevallen die maatwerk vragen. “Soms moet je van een verordening afstappen en kijken wat mensen persoonlijk nodig hebben”, stelt voorzitter Mireille Henderson van de gemeente Dordrecht. Vernieuwend? Welnee. Dit is werken vanuit de bedoeling.”

Toch vereist het lef. “Zelfs mijn eigen collega’s moet ik ervan overtuigen dat het kan. Ze vrezen vaak dat individuele behandeling precedenten schept. Dan moet je stevig blijven en kunnen verantwoorden waarom je buiten de lijntjes kleurt. Tot op bestuursniveau.” Mede dankzij het brede mandaat van de doe-tafel lukt dat. Ook partners zetten oplossingen daardoor intern makkelijker door, ervaart Mireille.

“Mijn belangrijkste tip? Dit concept valt niet letterlijk te kopiëren. Juist het vallen en opstaan met lokale partijen, samen op zoek naar een maatwerk-modus, is cruciaal voor het succes.”

Tips

  • Leer van andere gemeenten, maar durf vooral ook met lokale partners je eigen weg te vinden.
  • Zet niet te veel deelnemers aan tafel, één per partij is overzichtelijker.

In het kort

Eindhoven, Utrecht | Nieuw instrument meet ‘wat telt’ voor inwoners

Samen met hun wijkteams en kennisinstituut Movisie ontwikkelden de gemeenten Eindhoven en Utrecht monitorinstrument Wat Telt. Beleving van inwoners staat centraal: zij kunnen aangeven welke leefgebieden zij belangrijk vinden, of het ze per gebied goed of slecht gaat en welke doelen ze stellen. Eisen aan het instrument: voor uitvoeringsorganisaties en gemeenten moest het informatie opleveren en zicht bieden op de resultaten van de wijkteams; voor zowel inwoners als ondersteuningsprofessionals moest het behulpzaam zijn. Bijzonder is de ontwikkeling via co-creatie tussen twee gemeenten, uitvoerende teams, professionals en betrokken inwoners.

“We merkten hoe belangrijk het met zoveel input en betrokkenen is om meteen aan het begin gezamenlijke uitgangspunten te formuleren”, vertelt Sanneke Verweij van Movisie. “Risico is dat zo’n meetinstrument snel te groot wordt, terwijl we de administratielast laag wilden houden. Onderscheid maken tussen need to know en nice to know is dus essentieel. Daar grepen we in de ontwikkeling steeds op terug.”
Eindhoven en Utrecht hebben na een pilotfase besloten het instrument in hun wijkteams te gaan gebruiken.

Tip

Leg al aan het begin gezamenlijke meetdoelen vast, dat scheelt later discussie.

Navigatie