4maarhoe-visie

Hoe verder?

Als projectleider Omgevingswet is het goed om aan de slag te gaan. Waarmee en hoe? In gesprek met projectleiders uit heel Zuid-Holland.

Werk aan de weg

De Omgevingswet vraagt dat overheden met andere overheden, stakeholders en bewoners tot een visie komen voor hun regio. Daarvoor moeten bestaande systemen en denkwijzen op de schop. Tot welke oplossingen komen verschillende overheden wanneer ze met elkaar in gesprek gaan? En waar lopen ze tegenaan?

Van links naar rechts: Ruud de Prez (gemeente Lansingerland), Bram van Hoeve (gemeente Rijswijk) en Eric Verhaar (gemeente Westland). 

‘Ook medewerkers moeten integraal durven denken’

Je kunt een vernieuwende visie hebben om integraal en met partijen naar je omgeving te kijken, maar dan moet je organisatie dat ook doen en kunnen. Drie projectleiders bij gemeenten spreken over verandering in cultuur die daarvoor nodig is bij ambtelijke organisaties.
Dilemma: Hoe krijg je medewerkers tot anders werken en denken?

De Prez: “Ik heb een casus: een wijnboer wil parkeerplaatsen hebben, maar de parkeernota staat geen parkeerplekken toe. Terwijl de wethouder parkeergelegenheid goed vindt  voor de economie; hij wil levendigheid. Niemand durft het initiatief te nemen. Er zijn collega’s nodig die dit zelf gaan organiseren in plaats van het bestuur.”

Verhaar: “Beleidsmedewerkers moeten wel wéten dat ze die ruimte hebben om af te wijken.”

Van Hoeve: “En iemand moet een begin maken.”

De Prez: “Ja, maar medewerkers vinden het spannend de initiatiefnemer te zijn. Die moet zich veilig voelen.”

Van Hoeve: “Is in Lansingerland afwegingsruimte of moet je van recht krom maken?”

De Prez: “De ene medewerker vindt dat het in strijd is met de nota, de andere ziet juist wel ruimte. Je kunt de nota ook niet buiten werking stellen, want dan schep je een precedent. Dan zijn er helemaal geen regels meer.”

Verhaar: “Als overheid moet je inderdaad rechtmatig zijn, maar in hoeverre ben je rechtmatig als in de ene gemeente iets volgens de wet is en in de andere niet?”

De Prez: “Medewerkers kunnen wel omdenken maar dat nog niet in besluitvorming omzetten. Dat komt doordat de organisatie nog traditioneel is verkokerd. We moeten eigenlijk zeggen: ‘Het gaat nu niet om het parkeren, maar om het grotere belang’.”

Verhaar: “Je moet manieren vinden om je besluiten te rechtvaardigen: hoe krijg je als gemeente een besluit erdoor wat volgens de regels niet kan. Als je het goed kunt verantwoorden, is er geen probleem. De Provincie zou hieraan meer aandacht kunnen geven.”

Robert van Winden, Rijkswaterstaat en Arianne van Dorst, Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid

‘Samenwerken vanuit de inhoud’

Prima, al die betrokkenheid bij planvorming en gesprekken met ketenpartners en burgers, maar is daar wel voldoende menskracht voor beschikbaar? Dat blijkt in de praktijk vaak lastig te organiseren.
Van Dorst: “Wij hebben een capaciteitsprobleem. Meer participatie en met elkaar om tafel is een mooi streven, maar het kost wel tijd en het reguliere werk gaat ook door.”

Van Winden: “Dat speelt bij ons ook. Het is goed om vroeg in de beleidsvorming zoveel mogelijk mensen te betrekken, maar daarvoor heb je wel voldoende capaciteit nodig. Zelf bouw ik aan een netwerk in Zuid-Holland. Belangrijk, want je moet elkaar wel kunnen vinden. Als je niet aan tafel zit, ontbreekt jouw inbreng in beleid.”

Van Dorst: “De juiste mensen met de juiste expertise aan tafel, hoe organiseer je dat? Ik merk dat gemeenten vaak geen specifieke kennis hebben over vraagstukken rond lucht of geluid. Het is wel belangrijk dat die kennis er is bij het nemen van besluiten.”

Van Winden: “Voor ons zijn de vijf regioplatforms een belangrijke ingang voor nieuwe contacten. Wat ook helpt, is een dagje meelopen bij een andere organisatie, bijvoorbeeld bij een waterschap.”
 
Van Dorst: “De platforms zijn ook voor ons belangrijk. Als je een pilot wilt draaien, heb je meteen een ingang of in ieder geval een naam van iemand die je verder kan helpen.”

Van Winden: “Het is nog wel heel nieuw voor onze organisatie. Mensen moeten opeens andere dingen gaan doen die ze niet gewend zijn. Zoals contact zoeken met de omgeving en onbekende partners. Dat is wennen.”

Van Dorst: “Bij ons ligt dat anders, wij werken al langer zo. Samenwerken vanuit de inhoud, niet vanuit de regels. Dat is onze positie. Ik zie dat gemeenten daar nog mee worstelen. Het vraagt om een cultuuromslag in denken. Er is nog heel veel bureaucratie. Iemand die bijvoorbeeld bootjes wil gaan verhuren heeft te maken met regels rond lucht, water, natuur, enzovoorts. Ik vraag me af of dat met de nieuwe Omgevingswet echt verandert.”

Persoonlijk en digitaal lijntje

Schoon drinkwater is een publiek belang, maar een drinkwaterbedrijf is geen overheid en wordt dus niet automatisch betrokken in het cirkeltje van overheden. Hoe gaat de Provincie daarmee om? Harrie Timmer van drinkwaterbedrijf OASEN in gesprek met Carola Verbeek van het programma Aa de slag met de Omgevingswet.

Wat ga jij doen?

Elke overheid moet aan de slag met de Omgevingswet. En wel in samenwerking met elkaar.
‘Ondersteuning bieden bij netwerken’
“Veel partijen worstelen met netwerken: hoe kom ik aan tafel, hoe kom ik in het juiste netwerk? Je wilt al bij de schets van de plannen worden betrokken, maar hoe weet ik wanneer die bespreking is? Mijn organisatie kan daar wellicht een rol in spelen, bijvoorbeeld in de vorm van een netwerkcursus. Mensen moeten nu opeens écht praten met elkaar en uitleggen wat ze doen en waarom ze bepaalde besluiten nemen. Ik zie wel mogelijkheden om daarbij te ondersteunen.”
Wendolijn Beukers, Kennislab voor Urbanisme
‘Elk contact verrijkt’
“Ik ben altijd op zoek naar ingangen bij andere organisaties. In mijn functies als accountmanager waterschappen informeer ik partijen en verbind ik ze met elkaar. Als er ergens een belangrijke bijeenkomst is wijs ik mensen daarop. En ik maak duidelijk wat ikzelf voor ze kan betekenen. Zo’n relatie opbouwen is nog best lastig. Hoe kom je in een netwerk? Hoe weet je dat je contact met de juiste persoon hebt? Ik kom daarom altijd graag in contact met nieuwe mensen. Elk contact verrijkt.”
Rino Vlaardingerbroek, provincie Zuid-Holland
‘Lijntje leggen’
“Ik merk dat er bij de Provincie volop ruimte is om mee te denken. ‘Gebruik dat’, ga ik mijn collega’s meegeven. Het wordt namelijk heel serieus genomen. Ook ga ik een lijntje leggen tussen onze ‘participatiemensen’ en die van de Provincie om samen op te trekken en elkaar te versterken. Sowieso is het leuk om in gesprek te gaan over hoe anderen iets doen. Zo hoorde ik hoe goed de Omgevingsdienst Midden-Holland de participatie neerzet: heel uitgedacht en rustig mensen meenemen.”
Marlies van Arendonk, gemeente Delft
‘Begin met Omgevingsplan’
“Wanneer ik met de Provincie en andere gemeenten om de tafel zit, wordt mijn beeld steeds scherper. In Schiedam hadden we namelijk moeite om erachter te komen wat de Provincie doet. Tegen andere gemeenten zeg ik: ga eerst aan de slag met het Omgevingsplan. Dat is anders dan hoe de Provincie het doet: die begint met de Omgevingsvisie. Daar maak je namelijk de échte afwegingen. Vervolgens kun je met die kennis de Omgevingsvisie aanpassen. En je kunt makkelijker bepalen of je bijvoorbeeld energieneutraal wilt zijn.”
Annemiek Verzijl, gemeente Schiedam

Vaker in gesprek

Met een conferentie op 2 oktober nodigde de Provincie Zuid-Holland projectleiders bij gemeenten, waterschappen en andere partners uit om samen de Omgevingswet regionaal invulling te geven. Zulke gesprekken voorzien in een behoefte bij alle partijen, merkt programmamanager Rosalie Delhaas.

VERVOLG?

  • De bijeenkomst op 2 oktober voor projectleiders Omgevingswet heeft tot effect gehad dat kennis gedeeld is en dat meer projectleiders elkaar hebben leren kennen.
  • Er is behoefte met elkaar verder te spreken over de visieontwikkeling.
  • De bestuurlijke partners (provincie, gemeenten, waterschappen, rijk) gaan verder met de implementatie van de Omgevingswet en werken samen in het landelijke programma 'Aan de slag met de Omgevingswet'. Op regionaal niveau krijgt dit vorm en inhoud.
  •  Op provinciaal niveau wordt afhankelijk van de behoefte in de regio’s mogelijke een vervolgbijeenkomst georganiseerd in 2018.