THEMA: RADICALISERING EN EXTREMISME

Integrale aanpak op lokaal niveau

‘Er valt nog veel winst te behalen’

Bij de sessie ‘Integrale aanpak op lokaal niveau’ staan de bouwstenen voor een duurzame en integrale aanpak van radicalisering en extremisme centraal. Welke elementen zijn hierin onmisbaar? Wat gaat er al goed en wat kan er nog beter? Op basis van praktijkvoorbeelden gaan gemeenten en Rijk met elkaar in gesprek.

Duidelijk is dat het jihadisme geenszins verdwenen is én dat de internationale ontwikkelingen hun weerslag hebben op het nationale dreigingsbeeld. De Nederlandse jihadistische beweging is groter dan ooit. Tegelijkertijd zien we een dreiging die op sommige fronten minder zichtbaar en sluipender is geworden, zowel binnen het jihadisme als rechtsextremisme bijvoorbeeld. Zijn de opgebouwde structuren en netwerken nog in staat daarop te anticiperen en reageren, of moeten we doorontwikkelen? En zo ja, hoe dan?

Brede aanpak

Met toenemende polarisatie als voedingsbodem voor extreem en/of extremistisch gedachtegoed, is het duidelijk dat radicalisering en extremisme nog niet van de agenda kunnen – of mogen – verdwijnen. De huidige situatie vraagt er om dat zowel de Rijksoverheid, als lokale overheden (duurzaam) blijven inzetten op een brede aanpak, waarbij bijzondere aandacht is voor (vroeg)signalering, preventie én waar mogelijk ook interventie op deze fenomenen.

Veel gaat al goed

Tijdens de sessie wordt ook gesproken over ervaringen met de brede aanpak. Veel gaat al goed: met name de samenwerkingsverbanden in de zorg- en veiligheidshuizen (casusoverleggen) worden benoemd als succesvol element in de integrale aanpak van radicalisering en extremisme op lokaal niveau. De gemeenten benoemen daarnaast het voordeel van veel partners aan tafel: er wordt gezamenlijk een strategie bepaald, die bovendien rijker is omdat er vanuit verschillende domeinen input wordt geleverd. Op deze manier groeit bovendien kennis en kunde van elkaars werkveld en mogelijkheden, evenals het onderling vertrouwen. Daarnaast worden als succesvolle elementen in een integrale aanpak genoemd: een uitgebreid netwerk van (informele) contactpersonen op gemeenschapsniveau en een combinatie van interventies in de verschillende ‘sporen’.

Radicalisering en extremisme worden niet altijd gezien als een ‘gedeeld’ probleem.

Winst te behalen

Tegelijkertijd wordt de samenwerking tussen domeinen op dit thema nog altijd als lastig ervaren. Radicalisering en extremisme worden niet altijd gezien als een ‘gedeeld’ probleem; in het sociaal domein, met name onderwijs, is het
onderwerp bovendien vaak lastig (organisatorisch) onder te brengen. Voor deze domeinen zijn termen als inclusie of polarisatie vaak een prettiger ‘aanvliegroute’ en bieden meer ruimte voor gesprek. Gemeenten ervaren onvoldoende dat er op dit thema gemeenschappelijke doelen (kunnen) zijn, terwijl ‘repressie zonder preventie is als dweilen met de kraan open’. Bovendien opereert het sociale domein, zeker ook het onderwijs, vaak vanuit een achterstandspositie qua kennis. Hier is nog veel winst te behalen.

‘Last’ van polarisatie

Ten slotte is er nog de constatering dat de aanpak radicalisering ‘last heeft’ van polarisatie. Vanuit polarisatie ontstaan voedingsbodems voor extreem gedachtegoed. Het is dus zinvol om vroegtijdig kennis te nemen van issues waarop polarisatie bestaat, of maatschappelijke spanningen zijn ontstaan. Daarbij wordt ook gewaarschuwd voor een zekere mate van normalisering van extremistisch gedachtegoed in een sterk gepolariseerde samenleving; we vinden het extreme soms niet meer zo extreem. Waar ligt de norm en waar de overschrijding? Deze grenzen worden gemarkeerd, bevochten en verlegd in dialoog én beleid.

7 Tips

Hoe kunnen we het Rijksbrede curriculum doorontwikkelen? Dit zijn zeven suggesties van de deelnemers aan deze workshop:

  1. Geef in trainingen meer aandacht aan nieuwe ontwikkelingen in dreiging en wat dit betekent voor analyse, signalering en handelingsperspectief.
  2. De afstand tussen sociaal domein en veiligheidsdomein is veel te groot. Suggestie: meer integrale opleidingen, zodat je ambtenaren creëert die in beide domeinen terecht zouden kunnen. Nu is er ook teveel cultuurverschil: domeinen begrijpen elkaar vaak niet (los van organisatorische beperkingen / hobbels)
  3. Zorg dat radicalisering en extremisme wordt ervaren als gedeeld probleem, door te benadrukken dat het zijn oorsprong vindt in andere problematiek (criminele groepen, achterstand, ggz, jeugdzorg, et cetera). Zet ook eerder in op preventie.
  4. Ontwikkel toolkits, ook voor bestuurders, die ondersteunen bij het verbinden van sociaal domein en OOV.
  5. Richt een centraal punt in waar aanbod in één oogopslag zichtbaar is (en werk aan naambekendheid, red.)
  6. Zorg voor bekendheid met het huidig curriculum. Dat is binnen sociaal domein bij sommige gemeenten beperkt.
  7. Geef meer aandacht aan (rechts)extremisme als thema.